De boom die alles zag

On 6 mei 2013, in economie, innovatie, by Zef Hemel

Gezien op televisie op 26 april 2013:

Uniek drieluik op de Nederlandse televisie, waanzinnig dat dit in een land gebeurt. Nooit eerder zagen we het vakgebied zo uitgebreid en meeslepend in beeld gebracht op tv. In ‘De Wereld van Klöpping’ – onderdeel van DWDD University – geeft internetspecialist Alexander Klöpping op aanstekelijke wijze zijn reisimpressies naar het mekka van de innovatie, de personal computer en het internet: Silicon Valley. Komende vrijdag wordt het laatste deel uitgezonden, over de toekomst. In het eerste deel, uitgezonden op 26 april, kregen we de unieke geschiedenis voorgeschoteld van Santa Clara Valley, “een gebied ongeveer zo groot als de Randstad.” Waarom zit zoveel innovatie zo dicht opeen gepakt in dat ene grootstedelijke gebied aan de Amerikaanse Westkust? Er bleek een levende maquette in studio aanwezig om de geografie aan de kijkers duidelijk te maken. Het begon met de boom die alles zag. Daarna kwam de garage van Hewlett-Packard. Maar alras was daar Shockley Semiconductor Laboratory van William Shockley. Deze laatste – uitvinder van de transistor en latere Nobelprijswinnaar (1956) – werd door Klöpping aan de wieg geplaatst van het wonder van Silicon Valley. Acht jonge mannen die al snel zijn bedrijf verlieten begonnen even later hun eigen bedrijfjes. Een ervan was Robert Noyce, die het succesvolle Fairchild Semiconductor oprichtte. Intel is weer ontsproten aan Fairchild. Enzovoort.

Silicon Valley is dus allesbehalve een van overheidswege gepland cluster van innovatieve bedrijven en wetenschappelijke instellingen. Deels toevallig ontstaan, deels ingebed in de hippiecultuur van San Francisco, deels een product van Stanford University. In het programma werd de geboorte helemaal opgehangen aan die ene persoon van Shockley. Klöpping beklemtoonde dat de excentrieke Shockley overal had kunnen werken. Waarom ging hij in 1955 uitgerekend naar de Amerikaanse Westkust? De grap in de uitzending was dat dit vanwege zijn moeder zou zijn geweest, die in Palo Alto woonde. Dat is wel zo, maar daarmee doet men de geschiedenis wel een beetje geweld. Wat Frederick Terman op Stanford in 1946 rond electrical engineering teweegbracht met de oprichting van Stanford Research Institute en de aanleg van het eerste high technology industrial park naast Stanford in 1951 was minstens even beslissend. Sterker, dit Stanford Industrial Park werd het epicentrum van het latere Silicon Valley, niet die boom die alles zag of het huis van de moeder van William Shockley. En de basis zou je bijna vergeten: een metropool van 5 miljoen. Niettemin, een mooie uitzending was het.

Tagged with:
 

Een Europese Silicon Valley

On 21 december 2012, in innovatie, by Zef Hemel

Gelezen in Le Parisien van 24 september 2010:

In september 2010 verklaarde de toenmalige Franse president Sarkozy dat hij een ‘Europese Silicon Valley’ zou stichten aan de zuidkant van Parijs, op het Plateau de Saclay. Zijn voornemen maakte deel uit van zijn plannen voor ‘Grand Paris’. De afstand van Saclay tot Parijs bedraagt ruim twintig kilometer, het gebied bestaat uit vruchtbaar bouwland en fungeert al honderden jaren als waterberging voor de fonteinen van het lager gelegen Versailles. Sinds de jaren vijftig van de twintigste eeuw hebben zich hier een aantal scholen en onderzoeksinstituten gevestigd, waaronder de Universiteit van Parijs, het CNRS, ONERA, HEC, later gevolgd door de laboratoria van Danone, Thomson-CSF, Thales en Kraft Food. Helemaal nieuw is het idee dus niet. Sarkozy voegde er zijn Ministerie van Defensie aan toe en ook andere nationale scholen dwong hij tot verhuizing. De uitbreiding, de verhuizing binnen Parijs en de gewenste concentratie die op het plateau zal worden gerealiseerd omvat 30.000 studenten en 12.000 onderzoekers, een investering in nieuwe gebouwen van liefst 3 miljard euro. Daar komt dan nog de investering in een nieuwe metroverbinding bij. Een aparte stichting moet de hele operatie, waarbij 23 instituten betrokken zijn, in goede banen leiden.

Geen wonder dat Moskou zich in 2011 wendde tot Parijs, toen de toenmalige Russische president Medvedev zijn plan smeedde om aan de zuidwestkant van de Russische hoofdstad een Russische Silicon Valley te stichten. In aansluiting op Skolkovo dacht Medvedev zelfs het hele regeringscentrum uit Moskou naar het zuidwesten te verplaatsen. De gelijkenis met het plan van zijn Franse collega moet hem zeker hebben opgevallen toen hij op 2 maart 2010 Parijs bezocht. En Sarkozy zal hem toen zeker zijn ‘Grand Paris’ hebben verkocht. Over de voortgang van de Russische plannen heb ik in deze blog uitvoerig bericht, niet over de Franse plannen met betrekking tot Sarclay. Die blijken overigens op veel weerstand te stuiten. Deels betreft het landschapsbeschermers en ecologen die een verdere uitbreiding van Groot Parijs aan deze kant overbodig vinden, deels zijn het de instituten zelf die een gedwongen verplaatsing helemaal niet begrijpen en hun vestiging elders in Parijs juist waarderen. Ook de kostbare metroplannen liggen onder vuur. Blijft over de vraag: kan je wel voor 3 miljard euro een Silicon Valley bouwen?

Tagged with:
 

Silicon Valley verklaard

On 5 december 2012, in economie, innovatie, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Magic Lands’ (1992) van John Findlay:

Afgelopen week gesproken in Brussel over het innovatiebeleid van de EU. De avond was georganiseerd door de Lisbon Council, een vooraanstaande denktank in Europa. Naast Amsterdam waren het Italiaanse Emilia Romagna (Bologna), het Spaanse Navarra (Pamplona), Noord-Nederland en IBM uitgenodigd. Natuurlijk ging het gesprek weer over een Europees ‘Silicon Valley’ en waarom die er nog altijd niet is. Dat steden ertoe doen werd door iedereen aan tafel erkend. Ook zijn de Europese beleidsmakers – meest economen – eindelijk bereid van geografische clusters te spreken. Maar de wil om ergens zo’n succesvolle plek in Europa te maken verhoudt zich slecht met Europees cohesiebeleid, zo bleek ook nu weer. En voor je het weet wordt alle geld opnieuw over alle Europese regio’s verdeeld. Welke stedelijke regio verdient nu werkelijk een stimulans vanuit Brussel? Dat ook Silicon Valley in essentie van onderop werd ontwikkeld en pas later door Washington financieel ondersteund, werd wel ingezien, maar waar in Europa gebeurt nu iets bijzonders dat exclusieve ondersteuning vanuit Brussel verdient?

Het begrip ‘Silicon Valley’, begin jaren ‘70 geijkt door een lokale journalist, heet eigenlijk Santa Clara Valley, dertig mijl zuidelijk van San Francisco. Nog tot in de jaren vijftig was dit een overwegend agrarisch gebied, waar pruimenoogsten het krantennieuws domineerden. Stanford University, in Palo Alto, was het geografische hart van de vallei en het centrum van waaruit de innovatie zich later verspreidde. Rondom deze universiteit groeide in en na de oorlog een omvangrijke elektronica-industrie. Toen de nieuwe naam gesuggereerd werd, leek het hoogtepunt van die ontwikkeling alweer voorbij en begonnen de milieuschandalen op te spelen. Wat veel mensen vergeten is dat het succes was begonnen bij één man: Frederick Terman. Terman was hoogleraar radiotechnologie. Tijdens de oorlog had hij op Harvard, Boston, geleerd dat je hoogleraren niet rond projecten, maar rond hun persoonlijke interessevelden moet organiseren. Dit principe bracht hij over naar de Westkust. Historicus John Findlay: “Instead of focussing on projects commissioned by outsiders or assigning faculty to jobs, Terman wanted independent researchers to tackle those problems that interested them, attracted attention to the university, and contributed directly to educational activities at Stanford.” Toen hij decaan werd, en later voorzitter van het college van bestuur, bouwde hij zijn hele universiteit, nee de hele regio rond Stanford rond dit unieke beginsel uit. Het was dus niet het geld of het vastgoed en ook niet Triple Helix of een andere bureaucratische constructie, maar dit principe van persoonlijke interessevelden dat Silicon Valley later groot maakte. De EU moet dus op zoek naar de Fred Terman van Europa. Hopen dat die er is.

Tagged with:
 

De stad als decor

On 2 december 2011, in innovatie, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Odyssey. From Pepsi to Apple’ (1987) van John Sculley:

Wanneer topman Sculley Steve Jobs heeft ontheven uit zijn functie bij Apple, rijdt hij de bergen achter Stanford University in, om er een wandeling te maken. Het is midden jaren tachtig. Later rijdt Sculley richting San Francisco om er vertrouwensman Mike Markkula van datzelfde Apple te spreken. Hij wil advies. Markkula woont in de heuvels, in Portola Valley. In zijn autobiografie beschrijft hij zijn rit. Sculley: “Past the polluted prosperity of Silicon Valley, the expensive homes of those who drew their fortunes from technology. In the past six years, houses had sprung up out of nowhere on the Valley’s hills, like weeds in a neglected garden.” In het landschap van de Valley ziet hij zijn eigen gemoedstoestand weerspiegeld. “Everywhere the contrasts seemed to characterize the life I was living. It was erratic, sprawling, and eclectic, as exploding as Silicon Valley.” Waarop hij onmiddellijk laat volgen: “But there often was a serenety and idealism more reflective of the Stanford Hills.” Vandaar die wandeling.

Sculley zelf is afkomstig uit New York, hij is een kind van de Oostkust. De Westkust, ervaart hij, is heel anders. Eerder in het boek beschrijft hij zijn ontmoeting met Steve Jobs in zijn eigen New York. Ze maken een wandeling en bezoeken het Metropolitan Museum. “We talked about Pepsi and Coke, about IBM and Apple, art and music, New York and Silicon Valley, about our romantic notions of life.” Ze lopen door via Central Park naar Central Park West, hoek 75th Street. Daar gaan ze het dure San Remo building binnen, waar Steve een appartement wil huren. Het is een gebouw met twee torens, daterend uit de late negentiende eeuw. Met de lift gaan ze naar de dertigste verdieping. Daar betreden ze het terras. Sculley heeft hoogtevrees. “So I stayed close to the inside of the balcony as Steve showed me the building’s commanding views – across the Hudson River to the New Jersey side, down the Statue of Liberty and up the George Washington Bridge, all the way out to a distant La Guardia Airport across the expanse of Central Park. It seemed as if the two of us were standing out there above the world, above the world of New York that I knew and that Steve was now trying to discover, and above the world he was going to change.” Wat waren die romantische mijmeringen van die jonge ambitieuze Steve Jobs daar in New York? Het liefste, bekende hij, was hij dichter geweest. In Parijs.

Tagged with:
 

Planning als rap

On 9 november 2011, in planningtheorie, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Odyssey. Pepsi to Apple’ (1987) van John Sculley:

Steve Jobs wist dat hij kort zou leven. John Sculley, zijn marketingman, schrijft erover in ‘’Odyssey’.  Wanneer hij de 27-jarige Jobs ontmoet in diens woonhuis in het suburbane Los Gattos, Silicon Valley, merkt de man uit New York op: “I would come to learn that Steve believed he would die young; maybe he’d always felt the wind against his back.” Voor de Pepsi-man uit de Oostkust was de Taoist Jobs, kind van de Westkust, een opmerkelijk mens, voor wie de reis belangrijker was dan het doel. Eigenlijk was het hele bedrijf van Jobs een wonderlijk geheel, in ‘Odyssey’ getypeerd als een ‘Third Wave’ onderneming. Er waren geen protocollen, niets lag vooraf vast, elke mening telde, naar consensus werd niet gestreefd. Apple was een vroege netwerkorganisatie die vooral creëerde en bouwde, die flexibel was en niet gestructureerd, waar waarden en inspiratie belangrijker waren dan strategische plannen en doelen en waar betekenisvolle meningsverschillen domineerden boven eensgezindheid.

Hilarisch is de beschrijving van Sculley van zijn eerste managementdagen in Pajaro Dunes, anderhalf uur rijden van hoofdkantoor Cupertino, Silicon Valley. Het is begin jaren tachtig. Pajaro Dunes is een complex condominiums aan de kust. Iedereen, schrijft Sculley, verscheen in zijn vrijetijdskleding, Jobs zat in lotushouding op de vloer, de nieuwe topman van Pepsi probeerde zijn strategische agenda te ontvouwen, echter niemand luisterde. “The meeting became a free-for-all. Whoever could attract the group’s attention controlled the floor,” klaagt Sculley. “It was difficult to distinguish between facts and opinions. People would have side conversations during executive presentations; some would get up from their places to get something. It was virtually impossible to keep order.” Alle gesprekken gingen over de inhoud. “It became clear that it wasn’t a team at all; that we had a group of individuals, all running their own functions. People felt free to say anything they wanted to say about anyone or anything.” Er waren geen boodschappen en geen presentaties, er was alleen interactie – een kort heen en weer gepraat van mensen. Sculley duidt de driedaagse aan als een ‘rap session’, “it verged on anarchy.” Amper anderhalf uur in gesprek, begint de grond ineens hevig te trillen. Een aardbeving! Iedereen rent naar buiten, richting het strand. Zelfs daar ontstaat onenigheid over de richting waarin men veiligheid moet zoeken, sommigen vrezen eerder een tsunami dan instortende gebouwen. Voor Sculley is het een illustratie van de moderne netwerkorganisatie die zonder centrum opereert: “They are loosening the bonds of leadership from a hierarchical to a network model.” Third Wave, voeg ik eraan toe, is niet alleen het model van de moderne winnende onderneming, maar ook van een nieuwe ruimtelijke planningorganisatie als DRO Amsterdam.

Tagged with:
 

Het moederschip

On 18 oktober 2011, in innovatie, technologie, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Odyssey’ (1987) van John Sculley:

In 1977 werd de eerste Apple II verscheept. Vijf jaar later, in 1982, was Apple al een van ‘s werelds grootste computerbedrijven. Met een omzet van 61,3 miljoen dollar en een omzetgroei van 74 procent in dat jaar benaderde de 27-jarige Steve Jobs de vierentwintig jaar oudere marketingman van Pepsi Cola, John Sculley. Sculley was direct onder de indruk. Smakelijk vertelt hij over een van zijn eerste ontmoetingen met de visionaire Jobs in New York, waar Jobs, zelf een kind uit Silicon Valley, juist dat jaar een pied-à-terre betrok. “Steve’s visions went beyond the business of computers. He saw in Apple a model of what the modern corporation could be. At the time, he wanted to build the ultimate campus for Apple, a 1980s company town in California where bright people would congregate to build a new future.” Sculley herinnerde zich nog goed wat Jobs zich daarbij voorstelde. “Steve envisioned a massive complex of automated factories, employee condominiums, recreational facilities, even a Disneyland-like monorail to transport people about the grounds. He wanted the buildings to make an architectural statement and thought of enlisting a great architect to help him do it.” Sculley nam Jobs mee naar de campus van Pepsi, door hem omschreven als een nieuwe werkomgeving die drie kunstvormen zou integreren – architectuur, landschap en moderne beeldhouwkunst. Architect: Edward Durrell Stone. Jobs vond het maar niets. Het was hem allemaal veel te hiërarchisch en te imponerend. Daarna nam Sculley Jobs mee naar de campus van diens grote concurrent, IBM. “This is it?, vroeg Steve Jobs verbijsterd toen hij het complex zag. “This is their headquarters? I want to charter a 747 jet, and I’m going to fly the entire Macintosh division out to see this. I can’t believe it.” Jobs was ontdaan. IBM vond hij maar nondescript.

Inmiddels werkt Apple aan zijn nieuwste campus in Silicon Valley, genaamd ‘Het moederschip’. Het wordt de tweede, naast die in Cupertino, het ontwerp werd begin augustus jongstleden aan de pers onthuld. Architect is Norman Foster. “The diameter of the ring is 1,615 feet (492.25 meters), which makes it wider than the Pentagon. The circumference will be nearly a mile (1.6 km) and the planned office floor space is 260,128.5 sq m including a 27,870.9 sq m research facility. That’s enough space for 12-13,000 workers – in comparison, Infinite Loop houses only 3,500 engineers at present.”  De gemeente moet het nog goedkeuren, maar de burgemeester is onder de indruk. “Steve Jobs, however, commended the plan to the Cupertino City Council in person, describing it as a "landed spacecraft" and "a shot at creating the best office building in the world." De bouwvergunning krijgt hij, dat is zeker. Start bouw echter, laat staan de voltooiing in 2015, is hem vergund om mee te maken.

Tagged with: