Last Man

On 4 december 2018, in duurzaamheid, by Zef Hemel

Gelezen in The Guardian van 2 december 2018:

Gerelateerde afbeelding

Die film wilde ik zien: ‘First Man’ van Damien Chazelle over de Amerikaanse landing van de Apollo 11 op de maan in 1969, met in de hoofdrol Ryan Gosling als astronaut Neil Armstrong. Het verhaal was bloedstollend, opnieuw. Opnieuw omdat ik me de echte maanlanding nog heel goed herinner. In 1969 was ik twaalf jaar oud. ‘s Avonds 20 juli om 21.17 uur gebeurde het, na een spannende ruimtereis van een week. Ik zal die televisiebeelden nooit meer vergeten. De filmversie is zo mogelijk nog indringender. Het meest bijzondere vond ik het verlaten van de dampkring in het begin van de film, gevolgd door de opmerking van Armstrong dat die atmosferische laag wel heel dun en kwetsbaar is: naar ik begrepen heb een afstand van Amsterdam naar Utrecht. Ons leven op aarde is inderdaad een wonder en onze verantwoordelijkheid is groot. Indrukwekkend in de film waren de zwart-wit panorama’s van de maan, toen Armstrong daar even buiten de Sea of Tranquility rondliep, maar vooral toen hij terugkeek naar de aarde: daar was hij dan, onze planeet: als een gemarmerde knikker, helder afstekend tegen een zwart heelal. Op die ‘blue marble’ leven 7,7 miljard mensen samen met miljarden dieren en planten. Drie jaar later verscheen het rapport van de Club van Rome.

En toen waren er afgelopen zondag honderden wetenschappers en regeringsvertegenwoordigers die deelnamen aan de jaarlijkse klimaatconferentie van de Verenigde Naties in het Poolse Katowice. Het VN-rapport loog er niet om. Richting 2100 zal de temperatuur op aarde gemiddeld 3 tot 5 graden Celsius stijgen. Dat is beduidend meer dan de 1,5 C. Een Brits rapport stelt zelfs dat 5,4 C temperatuurverhoging denkbaar is in 2070. De zeespiegelstijging zal uitkomen op 0,74 tot 1,8 meter, voldoende om steden als Mumbai, Guangzhou, Miami, Jakarta en New York in zee te laten verdwijnen. De kosten van deze klimaatramp worden geschat op zeker 11 biljoen Britse pond. Ook daarna zal de zeespiegel blijven stijgen. En dan de droogte. Landen als Kenia en Soedan zullen compleet verdrogen, de bosbranden in Californië en Australië zijn nog maar een begin. Voeg daarbij dat de wereldbevolking zal toenemen van 7,7 miljard naar 11 of misschien wel 15 miljard in 2100. De Wereldbank verwacht circa 140 miljoen klimaatvluchtelingen in 2050. Vijftig jaar lang is er niets gedaan. Een derde van alle CO2-uitstoot komt uit de Verenigde Staten. Een Nederlander stoot driemaal meer uit de gemiddelde wereldburger, namelijk 11,9 ton CO2 per jaar. Ondertussen daalde de CO2-uitstoot van een inwoner van Tokio van 7,5 ton naar 6.8 ton. (Wonen in een megastad heeft zo zijn voordelen). Dit is wat ik dit weekeinde in The Guardian las: “Climate catastrophe is now looking inevitable.”

Tagged with:
 

1,5 of 2 graden maakt groot verschil

On 9 oktober 2018, in duurzaamheid, by Zef Hemel

Gelezen op ChinaFile.com van 18 mei 2015:

Afbeeldingsresultaat voor chinafile rising sea level

Bron: ChinaFile

Deze week hield het IPCC in Incheon, Zuid-Korea, haar 48ste vergadering. Er lagen drie rapporten voor. Een ervan ging over de verwachte gemiddelde temperatuurverhoging van 1,5 graad Celsius. Dat bleek ronduit alarmerend. De wereldgemeenschap, reageerde de Verenigde Naties, heeft nog 12 jaar om het tij te keren. Doet ze dat niet, dan gaat het richting 2 graden temperatuurstijging. De gevolgen van die halve graad extra zijn nauwelijks te overzien. Honderden miljoenen mensen zullen worden bedreigd door overstromingen of extreme droogte. Het oppervlak van gebieden die zullen onderlopen bij een zeespiegelstijging bij 2 graden temperatuurverhoging is vijftig procent groter dan bij 1,5 graad. Vijftig procent! Voor het laaggelegen Nederland maakt die halve graad dus nogal wat uit. Verdwijnt ons land of niet. Op dit moment is de aarde al één graad warmer dan in pre-industriële tijden. Ik verwachtte een toespraak van de premier, maar die kwam niet. Nee, wij zijn veilig en we werken inmiddels aan een energietransitie. Er is al 120 miljoen euro rijksmiddelen beschikbaar voor buurten die van het aardgas af willen en de woningbouwcorporaties krijgen nog eens 100 miljoen extra. En we gaan allemaal in elektrische auto’s rijden. Nee, dan China.

Op ChinaFile.com zijn bloedstollende interactieve kaarten te zien die aangeven welke kuststreken in China door de zeespiegelrijzing rechtstreeks worden bedreigd, gebaseerd op de meest recente voorspellingen van het IPCC. Het blijkt te gaan om werk van de cartograaf Jeffrey Linn, woonachtig in Seattle. Eerder had hij dit werk al gedaan voor de westkust van Canada en de Verenigde Staten. Omdat 43 procent van de Chinese bevolking in de kustzone leeft, vroeg ChinaFile hem ditzelfde te doen voor China. Kijk eens en huiver. Vooral de Pearl River delta met steden als Hongkong, Shenzhen en Guangzhou, nu al meer dan 30 miljoen inwoners tellend, zullen compleet van de aardbodem verdwijnen. Ook Dalian en Shanghai moeten ernstig vrezen voor hun toekomst. Deze laaggelegen gebieden kampen nu al grote problemen met ernstige verzilting. In de Pearl River delta zijn de meeste mangrovebossen opgeruimd en wordt op grote schaal vuilnis gestort om zo nieuw land te winnen. In New York is tijdens Sandy gebleken dat deze vuilstorten langs de kusten niet alleen met het wassende water als eerste wegspoelen, maar ook de zee en de oeverzones ernstig verontreinigen. En dan verzakt overal de bodem, want deze haastig gebouwde metropolen zijn in moerasland gebouwd. Ik zie hier een kans. Nederland kan zijn waterkennis exporteren.

Tagged with:
 

Urbane dystopieën

On 12 september 2018, in water, by Zef Hemel

Gelezen in ‘The Water Will Come’ (2017) van Jeff Goodell:

Afbeeldingsresultaat voor The water will come goodell

In het Amerika van Trump is de tijd rijp voor echte dystopieën. Jeff Goodell schreef er eentje. In ‘The Water Will Come’ (2017) schetst deze redacteur van de Rolling Stone op lugubere wijze de uitzichtloze situatie in veel steden langs de Amerikaanse kust en ook elders. Voor veel steden komt CO2-reductie zoals afgesproken in Parijs te laat. Er zit niets anders op dan de kustzone te verlaten, de bebouwing af te breken en opnieuw te beginnen op hogere gronden verderop. Veel aandacht besteedt hij aan Venetië en Miami. Maar ook New York en Boston komen voorbij. De gevolgen van Sandy zijn daar nog voelbaar. Realistisch zijn betekent in de situatie waarin deze kuststeden verkeren de ervaringen die zijn opgedaan met de orkaan Sandy serieus te nemen en er ook naar te handelen. Beslissingen over het uitkopen van vastgoed met publiek geld dan wel het verlaten van gronden en het verlies nemen zijn voor veel mensen allerminst eenvoudig. Sowieso is het accepteren van de terugtocht weinig aantrekkelijk. Veel interessanter vinden burgers en autoriteiten civieltechnische waterwerken die de illusie van veiligheid op termijn bieden en die tot gevolg hebben dat steden ‘ommuurd’ zullen raken op een reusachtige schaal: buitengewoon kostbare werken, dus alleen voor wie het betalen kan. Hier komt het Nederlandse Deltares voorbij.

In het hoofdstuk ‘Climate apartheid’ schetst Goodell de situatie in Lagos, Nigeria. Daar bezoekt hij Eko Atlantic, een laaggelegen nieuw stadsdeel voor 300.000 inwoners in de Golf van Guinea bij de riviermonding. Rond de nieuwe stad wordt een muur opgetrokken. Deze ‘Great Wall of Lagos’ wordt acht mijl lang, bestaande uit granieten blokken, voldoende om de nieuwe ontwikkeling bescherming te bieden tegen het wassende water. De prijzen van het vastgoed zijn hoog. Hier bouwt de elite van Afrika zijn toevluchtsoord, terwijl de miljoenen elders in de sloppenwijken toekijken. En dan te bedenken, schrijft Goodell, dat Lagos niet eens in de top tien van meest bedreigde steden in de wereld staat. Daar prijken Guangzhou, Shanghai, Kolkata, Mumbai en andere laaggelegen Aziatische steden. Dat is omdat zich daar de dure constructies als haveninstallaties en zakenwijken bevinden, die voor de kust van Afrika grotendeels ontbreken. Toch is de West-Afrikaanse kust wel de plek waar de verstedelijking, nu en in de toekomst, is geconcentreerd. Economisch is Afrika sterk van deze kwetsbare zone afhankelijk. Goodell probeert nog de prijswinnende drijvende school van architect Adeyemi te bezoeken, maar die blijkt bij de laatste storm weggespoeld. Let op Florence en lees dit moedeloos makende boek.

Tagged with:
 

‘Go with the flow’

On 13 april 2018, in boeken, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Thank You for Being Late’ (2016) van Thomas Friedman:

Afbeeldingsresultaat voor thank you for being late friedman

Een veel te dik maar wel razend interessant boek schreef de Amerikaanse journalist Thomas Friedman. In ‘Thank You for Being Late’ neemt hij de tijd en de aandacht om te onderzoeken wat er met de wereld op dit moment aan de hand is. Drie krachten veranderen onze wereld ingrijpend: technologische innovaties, economische globalisering en klimaatverandering. In alle drie zit een venijnige versnelling: de Wet van Moore. Drie pijlers onder de huidige welvaartstaat: dat ieder mens in principe tot de middenklasse kan toetreden; dat migranten overal welkom zijn; dat de kansen op het platteland niet minder zijn dan in de stad – worden hierdoor ruw weggeslagen. “So, unless you have a really dynamic local leadership, or a close to a university, increasingly the only way to hold on to the American Dream is by living in a globally connected, multicultural, lifelong-learning-rich, urban context.” Er is geen ontkomen aan, iedereen zal zich de komende decennia moeten aanpassen. Tegenstand bieden, boos zijn of je verzetten helpt niet. ‘Go with the flow’ is de kunst die wij allen moeten leren. Alleen samenlevingen die voldoende open zijn en die permanent willen leren, zullen de ingrijpende versnellingen kunnen bijbenen. Ook Friedman komt uit bij Moeder Natuur die ons leert hoe we ons het beste kunnen aanpassen. Vijf ‘killer apps’ noemt hij die de natuur ons biedt en die we in onze alledaagse, veel te starre politiek moeten incorporeren.

De eerste ‘killer app’ is die van het tijdig onderkennen dat vreemde machten economisch en militair superieur kunnen zijn en dat je je daaraan tijdig dient aan te passen; 2. het vermogen om diversiteit en complexiteit te aanvaarden; 3. het vermogen om het eigenaarschap over de toekomst te accepteren en niet de rol van slachtoffer te spelen; 4. het vermogen om de juiste balans te vinden tussen top-down en bottom-up, 5. het vermogen om politiek te benaderen met een mind-set die tegelijk ondernemend, hybride, heterodox en niet-dogmatisch is. Cultuur, aldus Friedman, speelt in het nabootsen van deze vijf biologische killer-apps een belangrijke rol. Want uiteindelijk is het niet de politiek, maar de cultuur die mensen drijft. Leiding geven door te verrassen met uitspraken die openheid en complexiteit propageren biedt het meeste zicht op succes. Denk aan Nelson Mandela. Hij maakte Zuid-Afrika sterker door mensen op te roepen tot verdraagzaamheid, niet door het nemen van stoere besluiten. Alles draait om vertrouwen. Lokale gemeenschappen die zelf verantwoordelijkheid nemen zullen het de komende jaren moeten doen.

Tagged with:
 

A World City

On 12 maart 2018, in boeken, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Solar’ (2010) van Ian McEwan:

Afbeeldingsresultaat voor solar mcewan

Genoten van ‘Solar’ van de Britse schrijver Ian McEwan. In de roman raakt de Britse Nobelprijswinnaar Michael Beard betrokken bij een ambitieus project om de wereld te redden. Het gaat om nieuwe technologie waarmee energie zal worden opgewekt uit zonlicht en water. Fossiele brandstoffen worden overbodig. De regering Blair investeert miljoenen in een Brits studiecentrum naar duurzame energie. Beard wordt het vlaggenschip van de politieke operatie. Maar hij maakt een puinhoop van zijn leven. En er gebeuren vreselijke dingen die ik de lezer van deze blog zal besparen. Het begin van deel twee van het boek is ronduit schitterend. Beard zit in een vliegtuig en cirkelt boven Londen. Hij is op weg terug naar huis. Onder zich ziet hij zijn hele leven terug in een stadslandschap dat Newton en Dickens zou hebben verpletterd. “As unplanned as a giant termite nest, as a rain forest, and a thing of beauty, gathering itself to great human intensity at the centre, along the rediscovered river between Westminster and Tower Bridge, dense with confident, playful architecture, new toys.” De metropool deed hem denken aan al die andere grote steden op aarde. “The pressure of numbers, the abundance of inventions, the blind forces of desires and needs looked unstoppable and were generating a heat that had become, by clever shifts, his subject, his profession. The hot breath of civilisation.”

Het wordt twee bladzijden verderop nog ironischer. De gedachten van Beard gaan uit naar de toekomst en hoe groot en mateloos groot Londen dan zal zijn. “One day this brash and ancient kingdom might yield to the force of multiple cravings, to the dreamy temptations of a giant metropolis, a Mexico-City, Sao Paulo and Los Angeles combined, to effloresce from London to the Medway to Southampton to Oxford, back to London, a modern form of quandrillateral, burying all previous hedges and trees. Who knew, perhaps it would be a triumph of racial harmony and brilliant buildings, a world city, the most admired world city in the world.” Hoe, vraagt Beard zich tijdens het landen af, zal de mensheid zichzelf ooit gaan inhouden? “We appeared, at this height, like a spreading lichen, a ravaging bloom of algae, a mould enveloping a soft fruit – we were such a wild success.” Nee, met de wereld komt het niet goed, dat is wel duidelijk. McEwan laat zijn held flink spartelen. En Londen en het Verenigd Koninkrijk zullen uiteindelijk op de klippen lopen in de woestijn van de Verenigde Staten. Kon McEwan bevroeden dat zijn land zes jaar later in een referendum zou stemmen voor Brexit?

Tagged with:
 

Optimisme verboden

On 11 september 2017, in duurzaamheid, economie, by Zef Hemel

Gelezen in ‘The Rational Optimist’ (2010) van Matt Ridley:

Afbeeldingsresultaat voor rational optimist ridley

Grote ophef in Wageningen afgelopen week. Bij de opening van het Academisch jaar op de Landbouw Universiteit zou de Brit Matt Ridley (1958) komen spreken. Zijn rede bleek echter omstreden. Twintig hoogleraren en medewerkers wilden zijn komst verhinderen. Reden: spreker zou het klimaatprobleem bagatelliseren. Ridley ontkent niet dat er van een klimaatverandering sprake is. Hij is alleen niet somber. Ridley kennen we van ‘The Rational Optimist’, een opzienbarend en opwekkend boek uit 2010 waarin hij betoogt dat pessimisten het publieke debat domineren terwijl er alle reden is om over de wereld optimistisch te zijn. Niet alleen maakte hij aannemelijk dat het steeds beter met ons gaat, ook vertelde hij waardoor dat komt. Die opwekkende boodschap kon je in 2010 nog wel kwijt aan de pers en het publiek, maar in 2017 mag het kennelijk niet meer, gelet op al die rampen, crises, migranten, terreuraanslagen, smeltende ijskappen, Donald Trump. De pessimisten domineren niet alleen het huidige debat, ze eisen zelfs het monopolie, ook op universiteiten. Ongelooflijk hoe de wereld in korte tijd is veranderd.

Waardoor komt het dat het steeds beter met de wereld gaat? Een van de hoofdstukken in ‘The Rational Optimist’ is getiteld ‘The Triumph of Cities’. Steden, aldus Ridley, bestaan bij de gratie van handel. En handel leidt tot uitwisseling van goederen, diensten, geld en ideeën. Sinds er steden bestaan gaan we erop vooruit, in vrijwel elk opzicht. Iedereen weet dat ook en trekt naar steden. Megasteden vormen zich overal op de wereld, er vormen zich mierenhopen die steeds verder verdichten. Maar zijn sloppenwijken dan niet verschrikkelijk? Nee, zegt Ridley, vanuit het perspectief van de landlozen is de stad en ook de sloppenwijk een hoopgevende bestemming. “Urban opportunity is what people want.” Dat het beter zou zijn op het land is volgens hem een illusie. Meer dan de helft van de wereldbevolking woont inmiddels in metropolen. In 2025 zullen dat er 5 miljard mensen zijn, levend op minder dan drie procent van het aardoppervlak. “As far as the planet is concerned, this is good news because city dwellers take up less space, use less energy and have less impact on natural ecosystems than country dwellers.” Een jaar later verscheen ‘Triumph of the City’ van Edward Glaeser. Daarin klonk dezelfde boodschap. Over dat laatste boek geeft ik vandaag – maandag – op de Universiteit Utrecht gastcollege. Niemand in Utrecht heeft me nog de toegang geweigerd.

Tagged with:
 

Regen in Kaapstad

On 21 augustus 2017, in duurzaamheid, water, by Zef Hemel

Gelezen in Daily Maverick van 21 mei 2017:

Afbeeldingsresultaat voor western cape water supply system

 

Er kwam nog net water uit de kraan, maar we werden al bij aankomst gewezen op het dagelijkse rantsoen van 135 liter per dag per volwassene. Meer mochten we niet gebruiken. Welkom in Kaapstad, de aanstormende toeristenstad op het zuidelijke halfrond. Er is hier nog voor 70 dagen drinkwater voorradig. Daarna is alle water op. De hoofdstad van Zuid-Afrika kampt met een ernstig drinkwaterprobleem. Al twee jaar heeft het hier nauwelijks geregend. De machtige waterbekkens in de bergen – ook die op de Tafelbergketen – staan vrijwel droog. Al het kostbare drinkwater put de Afrikaanse metropool en wijde omgeving uit deze bekkens in de natuurrijke gebieden. Nu dreigt een acuut watertekort. Er is een politieke discussie uitgebroken over wie hieraan schuld heeft. Al in 2009 is er voor watergebrek gewaarschuwd, maar het gemeentebestuur zou niet adequaat hebben gereageerd. Er is geen grijswatercircuit aangelegd, gebruikt water wordt onvoldoende opgevangen en opnieuw gebruikt, er is geen waterbesparingsprogramma ontwikkeld, het leidingennet lekt onverminderd en verliest overal water. Had niemand een droogteperiode voorzien? Klimaatverandering is toch al jaren bekend?

Toen de eerste waarschuwingen binnenkwamen verzekerde de lokale overheid nog dat de pas gereedgekomen Berg Rivier Dam zeker tot 2020 voldoende water zou bergen voor de snel groeiende metropool. Maar het nationale Departement van Water en Milieu waarschuwde toen al dat er rond 2012 tekorten zouden ontstaan. Waarom is er niet naar deze experts geluisterd? Dat was, aldus de Daily Maverick, omdat de nationale politieke discussie zich toen vooral richtte op het arme, noordelijk gelegen Limpopo, dat door droogte werd geteisterd en waar het leidende ANC zich het lot van zijn eigen achterban onvoldoende zou hebben aangetrokken. Men vergat de hoofdstad. Nu mogen de zwembaden van de rijke blanken rond de Tafelberg niet meer worden gevuld. Gelukkig is het nog winter. Ondertussen groeit de stad richting megastatus: Kaapstad kende de afgelopen jaren een spectaculaire bevolkingsgroei van liefst 55 procent: van 2,4 miljoen inwoners in 1995 – het einde van de Apartheid – naar 4,3 miljoen. Tel daar de snel groeiende toeristenstroom bij op. Landbouw en industrie verbruiken het meeste water, maar blijven voorlopig buiten schot. Toen we weer in het vliegtuig stapten regende het eindelijk pijpenstelen. Iedereen in de stad slaakte een zucht van verlichting. Maar echt helpen doet het natuurlijk niet.

Tagged with:
 

Onbegrijpelijke toekomst

On 30 juni 2017, in boeken, technologie, wetenschap, by Zef Hemel

Gelezen in ‘What is the Future’ (2016) van John Urry:

Afbeeldingsresultaat voor what is the future? urry

Afgelopen weekeinde in Het Parool (24 juni 2017) een interview met Leo Meyer, oud-onderzoeker bij het IPCC en het Planbureau voor de Leefomgeving. Meyer is klimaatexpert. Nee, vrolijk werd ik er niet van. Meyer: “We vliegen blindelings op een voor ons onbegrijpelijke toekomst af. In 2500 zou de zeespiegel wel eens 15 meter hoger kunnen staan.” Alle toekomstprojecties, aldus Meyer, zijn met grote onzekerheden omgeven. Alles is denkbaar, het gekste kan gebeuren. We lijken het echter niet te beseffen. “Hoe groot, hoe omvangrijk, hoe urgent het probleem is, dringt niet door.” Het interview deed me denken aan het vorig jaar verschenen boek van de Britse socioloog John Urry. In ‘What is the Future?’ onderzocht deze de toekomst als maatschappelijk fenomeen. “Futures are now everywhere.Thinking and anticipating the future are essential for almost all organizations and societies.” Tegelijkertijd lijken al die toekomsten onvoorspelbaarder dan ooit, onzeker en onbekend. Fijntjes stelt Urry vast dat met toekomstdenken de planologie weer terug op het toneel lijkt. Aan planologie kleefde de geur van de sociaal-democratie. Toen die het aflegde tegen het neoliberalisme, moesten de planologen een toontje lager zingen. Noem je leerstoel echter ‘Future studies’ en je zit gebeiteld.

De laatste hoofdstukken van ‘What is the Future?’ zijn gewijd aan toekomstscenario’s. Het allerlaatste hoofdstuk gaat over het klimaat.  Geen van de vier klimaatscenario’s loopt goed af. In het eerste scenario zijn klimaatwetenschappers door regeringen die de toekomst van ‘economische groei voorop’ aanhangen in de hoek gezet van een verschrikkelijke toekomst, een rampspoed waar zij niets aan kunnen doen en die zich noodlottig zal wreken: een regelrecht Cassandra syndroom. In het tweede zijn er activisten die een CO2-neutrale toekomst voor mogelijk houden, maar ze zijn te laat en zullen hun doel slechts bereiken tijdens mondiale catastrofes. De derde stroming denkt aan ecologische modernisering, al meent Urry dat er van een monumentale technologische ommekeer sprake zal moeten zijn om zo’n toekomst plausibel te maken. Ten slotte is er, als reactie op rampen die zich hoe dan ook zullen voltrekken, een toekomst denkbaar, gedomineerd door grootschalige geo-engineering via machtige partijen die de democratie daarbij opzij zullen schuiven. Zij zullen proberen het klimaat naar hun hand te zetten, waarop oorlogen zullen uitbreken. Het lijkt wel of Urry, die vlak voor zijn dood het manuscript voltooide, in de toekomst van het klimaat aanleiding zag voor het schrijven van zijn boek. ‘What is the Future?’ is een somber boek. U begrijpt dat ik na lezing het even niet meer zag zitten.

Tagged with:
 

Flooding your city

On 8 juli 2015, in water, by Zef Hemel

Read in ‘Household vulnerability to climate change’ (2011) of F. Linnekamp et. al.:

 

What about Paramaribo, Surinam? Will the capital city of the former Dutch colony adapt to climate change in time? Searching for an answer, I found a paper, written by F. Linnekamp, A. Koedam en Isa Baud, University of Amsterdam, on household vulnerability to climate change in Georgetown and Paramaribo, published in Habitat International 2011. Especially the urban poor seem to be vulnerable. “Results show a lack of city-wide organization and participative measures for the households concerned, with possible detrimental effects on lower-income households.” Paramaribo, the capital city of Surinam, has a population of 240.000 people (2012). The low-lying city is situated on the banks of the Surinam River, at a distance of only 10 kilometers from the ocean. Mangrove is protecting the coastal zone, but over the last decades much has been cut. The case study concerned four neighborhoods in the Northern section, Geyersvlijt, Blauwgrond, Mon Plaisir and Morgenstond, the first two built in the 1950’s and 1960’s, the latter in the beginning of the 21st century.

Almost all respondents (90%) declared that floods occur in their neighborhoods during the rainy season (April-August). More than half experienced an increase over the last five years. The majority of households experiencing many floods live in low-income areas. The faltering drainage system in Paramaribo seems to be part of the problem. But also a change in the weather condition has been noticed, a change the inhabitants relate to climate change. “Many households (89%) also mention that, although it is not yet clearly visible now, sea-level rise will increasingly contribute to these risks.” The researchers found that households usually take individual action to prevent their yards and houses from being flooded. However, they do not contact local government. “The majority do not expect local government to be able to reduce flood problems in the future, although the general expectation exists that governments should take responsibility for city-wide protective measures.” But in a Thomson Reuters news item of 2013, I read that dumping garbage is also a problem. Sieuwnath Naipal, a hydrologist of the University of Surinam, thinks there is not just one problem, but a combination of many. Infrastructure and residential developments have moved to coastal areas, and newer canals have smaller gradients and are dumping ground for plastic bottles and other refuse, slowing the flow of water. WWF Guianas thinks protection of the mangrove forest is key. If it vanishes, ‘Surinam will be flooding its own city’ (Obsession Magazine 22 May 2013).

Tagged with:
 

More of less autonomy?

On 20 oktober 2014, in bestuur, duurzaamheid, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 10 oktober 2014:

Niet alleen Hongkong, ook Londen wil meer zeggenschap over haar eigen toekomst. Ik las het in Het Parool van 10 oktober jongstleden. Daarin werd gemeld dat burgemeester Johnson grotere autonomie voor zijn stad had bepleit. Het gaat hem om grotere zeggenschap over de belastinginkomsten. Op dit moment kan Londen, met tien miljoen inwoners, slechts 7 procent van de totale belastinginkomsten zelf besteden (voor Amsterdam is dit vergelijkbaar). Over de rest beslist het Britse parlement. “De gemeente Londen is in de huidige vorm niets meer dan een tussenstation van de centrale overheid.” Lokale democratie vereist invloed op de publieke middelen. Dat is nu niet het geval. Ook in vergelijking met andere wereldsteden heeft Londen weinig greep op zijn middelen. De grootstedelijke problemen wil het graag zelf oplossen, maar voor alles moet het de hand ophouden bij de regering. Stephen Syrett, hoogleraar aan Middlesex University, is het met de burgemeester eens. Maar, voegt hij eraan toe, “dat geldt ook voor Manchester, Leeds en de andere grote steden. De Britse overheid is erg gecentraliseerd. Dat is niet goed.”

In The Guardian stond diezelfde avond een artikel van de Brits-Amerikaanse socioloog Richard Sennett. Boodschap: “Our urban leaders’ belief in autonomy as the ultimate goal must be unset.” Als we de mondiale problemen als klimaatverandering willen oplossen helpt het denken over autonomie niet erg, stelde Sennett in ‘Why climate change should signal the end of the city-state’ (9 oktober 2014). “I’m not a gloomy pessimist, but I think the seductive idea of a place controlling its own fortunes is out of date.” We moeten, schreef hij, veel meer denken in termen van open systemen. Genetwerkte metropolen zijn een beter, complexer platform voor ons noodzakelijke denken en handelen. De stadstaat komt echt niet meer terug. “The urban challenge we face is how to live more openly, in the sense of adknowledging and coping with disorder.” Sennett heeft gelijk, maar Johnson denkt ook heus niet dat hij de problemen allemaal zelf kan oplossen. Die zijn, zeker in het geval van Londen, gewoon te groot en te complex. Maar het begint wel met meer speelruimte van onderop, dicht bij de realiteit. Alle steden gezamenlijk kunnen de wereld redden. Mits ze er door hun regeringen toe in staat worden gesteld.

Tagged with: