Niet willen groeien

On 17 januari 2018, in energie, water, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Triumph of the City’ (2011) van Edward Glaeser:

Afbeeldingsresultaat voor city growth global south

 

De opbloei van Singapore was niet mogelijk geweest zonder de airco. De stichter van de stadstaat Lee Kwan Yew schreef in 1965 airconditioning zelfs voor in alle overheidskantoren om zo een efficiënte overheidsbureaucratie te kweken. Lees hierover Katy Lee in Vox van 23 maart 2015 (‘Singapore’s founding father thought air conditioning was the secret to his country’s success’). In Dubai ervoer ik onlangs hetzelfde. Inwoners van deze moderne woestijnstad verkeren uitsluitend in gekoelde ruimtes zonder ook maar één moment de hitte buiten te hoeven verduren. Zelfs auto’s fungeren hier als gekoelde cellen, meer nog dan als transportmiddel. Zonder airco zouden zulke megasteden nooit van de grond zijn gekomen, hun economieën niet zo succesvol zijn geweest. Dit is ook wat de econoom Edward Glaeser schreef over de Amerikaanse steden in de zuidelijke staten in zijn ‘Triumph of the City’. Glaeser: “The rise of the American Sunbelt in the postwar period owes much to the availability of cheap, cool air.” Airco is een regelrechte doorbraak, vergelijkbaar met de introductie van de lift eind negentiende eeuw. Maar het betekent wel een enorme aanslag op het energieverbruik op aarde, ook nog eens precies op de plaatsen waar water vaak uiterst schaars is. Stel dat alle Afrikaanse en Indiase steden de komende decennia uitgroeien tot succesvolle megasteden door massaal gebruik van airconditioning, wat betekent dit dan voor het totale energie- en waterverbruik?

Wanneer Glaeser een schatting probeert te maken van alle CO2-uitstoot door huishoudens, dan telt hij alle emissies bij elkaar op die verband houden met autorijden, elektriciteitsverbruik, verwarming en koeling, en voegt daar openbaar vervoer aan toe. Het hoeft niet te verbazen, schrijft hij, dat steden beduidend groener zijn dan buitenwijken of het platteland. Maar de verschillen tussen metropolitane gebieden zijn nog groter. “Coastal California is by far the greenest part of the country. The Deep South is by far the brownest.” De kloof tussen het warme zuiden en het gematigde noorden van de VS is zelfs dramatisch. En New York blijkt een van de groenste steden, ook door zijn enorme omvang en dichtheid. Airconditioning is hier de onderscheidende factor. Eigenlijk, concludeert Glaeser, zouden metropolen in de gematigde zone veel sneller moeten groeien dan die in de hete, droge Sunbelt. Dat ze dat niet doen wijt hij aan het restrictieve ruimtelijke beleid in de eerste. Steden in de gematigde zone willen niet groeien en ook niet verdichten, ze koesteren het platteland, wijzen migranten af, kiezen liever voor spreiding. Afwijzing van stedelijke groei beschouwen ze zelfs als duurzaam. Wat een misvatting. En zo groeien uitgerekend de woestijnsteden, waar airco aan een snelle opmars bezig is en waar drinkwater uitgeput raakt.

Tagged with:
 

Duivelsnest Houston

On 1 september 2017, in water, wonen, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Triumph of the City’ (2011) van Edward Glaeser:

Bron: Newgeography 2016.

Ineens was daar Houston, Texas; de Amerikaanse stad werd wereldnieuws. Met de komst van de orkaan Harvey begon het in deze zuidelijke stad in de Verenigde Staten extreem te regenen: 1300 mm neerslag in een paar uren tijd. Alles liep onder, mensen verdronken, de schade is enorm. Veel las ik in de Nederlandse kranten over kustbescherming en waterwerken, weinig over de stad zelf. Houston, de vierde stad van de VS, telt inmiddels al 2,5 miljoen inwoners. Ze beslaat een oppervlak bijna zo groot als heel Nederland (10.000 vs 13.000 vierkante mijl), voornamelijk prairiegrond. Sinds 2000 zijn er meer dan een miljoen mensen in Houston gaan wonen. De stad groeit explosief, mensen wonen er in een extreem lage dichtheid. De Amerikaanse econoom Edward Glaeser gebruikt in ‘Triumph of the City’ (2011). Houston als voorbeeld van een stad die buitengewoon succesvol is in het aantrekken van nieuwe bewoners. Maar, schrijft hij, Houston is ook mikpunt van spot. Mensen aan de Oost- en Westkust kijken op de stad neer en beschouwen haar als niet minder dan een duivelsnest. Glaeser vraagt om begrip.

Voor de middenklasse, schreef hij in 2011, is Houston een geweldig alternatief. Wonen in deze Texaanse stad is gewoon veel goedkoper dan wonen in New York, San Francisco, Los Angeles of Boston. Vooral de middenklasse weet ze aan te trekken, ook al moet die gemiddeld 98 dagen per jaar een temperatuur van boven de 32 graden Celsius verdragen. Glaeser: “You get much more house in Houston, and you pay a lot less for it.” En scholen zijn er niet slechter dan in New York. “For middle-income people, the biggest economic advantage of Texas is not lower taxes or higher incomes, but affordable housing.” Waarop Glaeser zich afvraagt waarom huizenprijzen in Houston zoveel lager zijn dan elders. Antwoord: de grond is er goedkoop. En geef toe, Amerika heeft grond genoeg. Slechts 3 procent van het landoppervlak is stedelijk. Daarom ook spenderen Amerikanen gemiddeld niet meer dan 25 procent van hun inkomen aan huisvesting. Behalve in de grote steden. In Los Angeles is wonen 350 procent duurder dan in Texas, in New York nog veel meer. En dat heeft niets te maken met bouwkosten. Er is genoeg land, maar daarop mag niet worden gebouwd. Vandaar dat Houston maar blijft groeien terwijl de bevolking van New York, San Francisco, Chicago en Los Angeles stagneert. Glaeser: “If older cities with high prices are going to compete, then they must act more like Houston and allow more building.” En ze moeten verder de hoogte in. Echter, doordat ze dat niet doen groeit de bevolking spectaculair juist op de plaats waar Harvey afgelopen week genadeloos toesloeg: in Houston.

Tagged with:
 

Regen in Kaapstad

On 21 augustus 2017, in duurzaamheid, water, by Zef Hemel

Gelezen in Daily Maverick van 21 mei 2017:

Afbeeldingsresultaat voor western cape water supply system

 

Er kwam nog net water uit de kraan, maar we werden al bij aankomst gewezen op het dagelijkse rantsoen van 135 liter per dag per volwassene. Meer mochten we niet gebruiken. Welkom in Kaapstad, de aanstormende toeristenstad op het zuidelijke halfrond. Er is hier nog voor 70 dagen drinkwater voorradig. Daarna is alle water op. De hoofdstad van Zuid-Afrika kampt met een ernstig drinkwaterprobleem. Al twee jaar heeft het hier nauwelijks geregend. De machtige waterbekkens in de bergen – ook die op de Tafelbergketen – staan vrijwel droog. Al het kostbare drinkwater put de Afrikaanse metropool en wijde omgeving uit deze bekkens in de natuurrijke gebieden. Nu dreigt een acuut watertekort. Er is een politieke discussie uitgebroken over wie hieraan schuld heeft. Al in 2009 is er voor watergebrek gewaarschuwd, maar het gemeentebestuur zou niet adequaat hebben gereageerd. Er is geen grijswatercircuit aangelegd, gebruikt water wordt onvoldoende opgevangen en opnieuw gebruikt, er is geen waterbesparingsprogramma ontwikkeld, het leidingennet lekt onverminderd en verliest overal water. Had niemand een droogteperiode voorzien? Klimaatverandering is toch al jaren bekend?

Toen de eerste waarschuwingen binnenkwamen verzekerde de lokale overheid nog dat de pas gereedgekomen Berg Rivier Dam zeker tot 2020 voldoende water zou bergen voor de snel groeiende metropool. Maar het nationale Departement van Water en Milieu waarschuwde toen al dat er rond 2012 tekorten zouden ontstaan. Waarom is er niet naar deze experts geluisterd? Dat was, aldus de Daily Maverick, omdat de nationale politieke discussie zich toen vooral richtte op het arme, noordelijk gelegen Limpopo, dat door droogte werd geteisterd en waar het leidende ANC zich het lot van zijn eigen achterban onvoldoende zou hebben aangetrokken. Men vergat de hoofdstad. Nu mogen de zwembaden van de rijke blanken rond de Tafelberg niet meer worden gevuld. Gelukkig is het nog winter. Ondertussen groeit de stad richting megastatus: Kaapstad kende de afgelopen jaren een spectaculaire bevolkingsgroei van liefst 55 procent: van 2,4 miljoen inwoners in 1995 – het einde van de Apartheid – naar 4,3 miljoen. Tel daar de snel groeiende toeristenstroom bij op. Landbouw en industrie verbruiken het meeste water, maar blijven voorlopig buiten schot. Toen we weer in het vliegtuig stapten regende het eindelijk pijpenstelen. Iedereen in de stad slaakte een zucht van verlichting. Maar echt helpen doet het natuurlijk niet.

Tagged with:
 

The wrong conclusion

On 13 juni 2016, in demografie, voedsel, water, by Zef Hemel

Read in De Volkskrant of 13 February 2016:

Two newspaper articles. The first one on water shortages in the world. Arjen Hoekstra, professor Watermanagement at Wageningen University, thinks at least 4 billion people in the world are suffering from water shortages during at least one month a year. That’s far more than expected. Almost half of them live in India and China, the rest in the West of the US, Mexico, Australia, North- and South-Africa, the Middle East, and Southern Europe. When the need for fresh water is more than double the locally available amount, the water resources will deplete, ground water level will decrease, agriculture and industry will collapse.  The use of drinking water is only 4 percent of the total use of fresh water; but one person, Hoekstra charges, uses almost 4.000 litres of water on a daily base, mostly for animal products. All world conflicts are on water shortages nowadays, indirectly they are on hunger and agricultural mismanagement, not on oil, religion, inequality or scarcity of natural resources. Drought explains the bad condition of at least half the world, our gloomy global future.

The other article was an interview with Raj Patel, British development economist and author of ‘The Value of Nothing’. Patel is worried about how to feed 9 billion people on this planet in the future, especially now that the world is confronted with climate change. His Malthusian approach brings him to the conclusion that the only way to solve this problem is to build strong local communities as a countervailing power for the big corporations and the corrupt and failing governments. While we need to rethink our economic model, Patel argues that the larger failure beneath the food, climate and economic crises is a political one. He thinks the pull to the megacities is wrong. Urban people will get poor and stay poor. Is he right? I don’t think so. Cities can store and will distribute fresh water, agriculture will be become more sustainable if cities feel responsible for their food supply, and poor migrants could become a new middle class. Cities are innovative, sustainable, healthy, social, tolerant, prosperous, dynamic. Poor citizens, women in particular, are more free – more free than in rural areas. To think they are better off on the countryside would be a big mistake. Mahatma Gandhi was wrong. So is Patel.

Tagged with:
 

The prestige of a system

On 25 februari 2016, in water, by Zef Hemel

Read in ‘Capital. The Eruption of Delhi’ (2015) of Rana Dasgupta:

What is happening in Haryana, India, at this very moment, is quite alarming. You should read the last chapter of Dasgupta’s great book on Delhi. I’ll explain. The farmers in this Indian state are revolting, the riots of the Jat community are political and very dangerous indeed. Cause: extreme drought, thirst, hunger, like in Syria, where the farmers also were forced to leave the countryside and moved to Dasmascus and Aleppo. And you know what came out of that! So their actions are against the capital city, Delhi, their mighty neighbour. And maybe you know that Delhi is growing very fast. It has more than 20 million inhabitants and soon it will be the biggest city in the world. Due to the protests, at least 10 million people in Delhi suffer because the farmers in Haryana are sabotaging the canal that transports the water to the metropolis.  They want jobs and opportunities for studying at public universities, in short, they claim their rights. They are desperate. In the end they might migrate to the megacity. Dasgupta gives valuable background information.

Dasgupta writes about Anumpam Mishra who is one of the citizens of Delhi who transcends the general self-involvement and sees the planetary extension in the adjacent and particular. His walk with him through the city leads both men to the river. Anumpam tells him how the continuous and sophisticated water system of Delhi, built on a rich underground supply, evolved through the ages and how everything changed when the British came. The old philosophy was: if you take, you must put back. They stored the water and every monsoon they gave back. But the colonial power broke this 1.000 years of water knowledge. The British were only interested in the river. They even started damming the Yamuna river and ran pipelines into the city. They made people dependent on the system they introduced. Worse even, Delhi people no longer had to think about their water. Anumpam: “It is the prestige of a system that directs you to conserve it and honour it; if that prestige disappears people cease to care.” Of the seventeen rivers and 800 water bodies, hardly any are left. According to Anumpam it is a complete disaster. Add to that the boycott of the Haryani farmers and you understand the seriousness of what is happening. Delhi should revitalize its old system and prepare itself for new waves of poor migrants.

Tagged with:
 

Flooding your city

On 8 juli 2015, in water, by Zef Hemel

Read in ‘Household vulnerability to climate change’ (2011) of F. Linnekamp et. al.:

 

What about Paramaribo, Surinam? Will the capital city of the former Dutch colony adapt to climate change in time? Searching for an answer, I found a paper, written by F. Linnekamp, A. Koedam en Isa Baud, University of Amsterdam, on household vulnerability to climate change in Georgetown and Paramaribo, published in Habitat International 2011. Especially the urban poor seem to be vulnerable. “Results show a lack of city-wide organization and participative measures for the households concerned, with possible detrimental effects on lower-income households.” Paramaribo, the capital city of Surinam, has a population of 240.000 people (2012). The low-lying city is situated on the banks of the Surinam River, at a distance of only 10 kilometers from the ocean. Mangrove is protecting the coastal zone, but over the last decades much has been cut. The case study concerned four neighborhoods in the Northern section, Geyersvlijt, Blauwgrond, Mon Plaisir and Morgenstond, the first two built in the 1950’s and 1960’s, the latter in the beginning of the 21st century.

Almost all respondents (90%) declared that floods occur in their neighborhoods during the rainy season (April-August). More than half experienced an increase over the last five years. The majority of households experiencing many floods live in low-income areas. The faltering drainage system in Paramaribo seems to be part of the problem. But also a change in the weather condition has been noticed, a change the inhabitants relate to climate change. “Many households (89%) also mention that, although it is not yet clearly visible now, sea-level rise will increasingly contribute to these risks.” The researchers found that households usually take individual action to prevent their yards and houses from being flooded. However, they do not contact local government. “The majority do not expect local government to be able to reduce flood problems in the future, although the general expectation exists that governments should take responsibility for city-wide protective measures.” But in a Thomson Reuters news item of 2013, I read that dumping garbage is also a problem. Sieuwnath Naipal, a hydrologist of the University of Surinam, thinks there is not just one problem, but a combination of many. Infrastructure and residential developments have moved to coastal areas, and newer canals have smaller gradients and are dumping ground for plastic bottles and other refuse, slowing the flow of water. WWF Guianas thinks protection of the mangrove forest is key. If it vanishes, ‘Surinam will be flooding its own city’ (Obsession Magazine 22 May 2013).

Tagged with:
 

Watersheds

On 21 april 2015, in water, by Zef Hemel

Gezien in het Queens Museum in New York op 7 april 2015:

 

Wat we nog meer zagen in het gerenoveerde Queens Museum op Flushing Meadows: de tentoonstelling ‘From Watersheds to Faucets: The Marvel of New York City’s Water Supply System’. Kern van de tentoonstelling bleek een enorme 3D reliëf-maquette van het zuidelijke deel van de staat New York uit 1938 waarop het toenmalige drinkwatersysteem van New York City was afgebeeld. Ze was ooit gebouwd voor de Wereldtentoonstelling van 1939 op Flushing Meadows om de grootse stedenbouwkundige werken van directeur Stadsontwikkeling Robert Moses te laten zien. Echter, toen hij klaar was bleek het paviljoen te klein, waardoor de maquette, groot 540 vierkante voet, nooit aan het grote publiek is getoond. De kosten bedroegen 1,5 miljoen dollar (prijspeil anno nu), maar waren dus weggegooid geld. Pas in 2008 werd hij weer ontdekt. De zevenentwintig delen zijn vervolgens stuk voor stuk nauwkeurig gerestaureerd. Het geheel zagen we, vijfenzeventig jaar na dato, dan eindelijk geëxposeerd. Een unieke ervaring.

Het grootste deel van het huidige drinkwatersysteem van New York City werd vanaf 1914 aangelegd. Naast het Old Croton Reservoir in Westchester County dat stamt uit 1842 besloot de miljoenenstad een tweede reservoir aan te leggen in de noordelijk gelegen bergen, waar een grote stuwdam op een afstand van 100 mijl van de stad het water sindsdien verzamelt: het nu honderd jaar oude Catskill System, vernoemd naar de Catskill Mountains. Vandaar wordt het door huizenhoge ondergrondse pijpleidingen naar de metropool getransporteerd. Daarmee is dit nog altijd het grootste ongefilterde oppervlaktewatersysteem ter wereld. Elke dag voorziet het de metropool van meer dan 1 miljard gallons drinkwater. Het ingenieuze systeem, begreep ik, is echter aan het einde van zijn levenscyclus gekomen en zal de komende jaren ingrijpend moeten worden vernieuwd. Om die noodzaak aan te tonen was niet alleen de historische maquette gerestaureerd, maar ook de tentoonstelling in het museum ingericht. Tot het toekomstgerichte programma behoort ook waterbesparing. Voor het eerst worden de inwoners van New York opgeroepen om minder water te gebruiken. Ook in the Big Aplle is de rek eruit.

Tagged with:
 

Tribeca aan zee

On 16 april 2015, in afval, water, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Twenty Minutes in Manhattan’ (2009) van Michael Sorkin:

De linkse architect-schrijver Michael Sorkin werkt vanuit 145 Hudson Street, New York, in een voormalige drukkerij, een fors gebouw dat hij gedetailleerd beschreef in zijn ‘Twenty Minutes in Manhattan’ (2009). We zochten hem vorige week op. Boven hem bleek het New Yorkse bureau van Rem Koolhaas’ OMA/AMO gevestigd. Niet dat ze veel contact hebben met elkaar, de twee architecten. Daarvoor zijn de vloeren te dik en is de benadering van de stad door de twee architecten ook te verschillend. Met veel liefde beschreef Sorkin in ‘Twenty Minutes’ zijn studio toen hij hem in 1989 betrok: goedkoop en veel beter dan alle lofts die hij in de Village eerder had gebruikt. Echter, nadat hij het huurcontract had getekend bleek dat de gemeente daar geen vuilnis ophaalde (dat doet ze alleen in woonbuurten). Al snel meldde zich een private partij: of hij maar een contract wilde tekenen. Na aanvankelijke weigering kwamen even later twee mannen aan de deur die hem een val voorspiegelden van veertien verdiepingen naar beneden. Welkom in New York!

Sorkin, hoewel op leeftijd, leidt een middelgroot architectenbureau. Daarnaast doet hij stedenbouwkundig onderzoek vanuit Terreform. Ook geeft hij les aan City College of New York. We kwamen, zei hij onmiddellijk bij onze binnenkomst, juist op tijd. Over een paar dagen zou Rebecca Solnit de Lewis Mumford-lezing geven op zijn Graduate School. Kenden we haar niet? Solnit, afkomstig uit San Francisco, is uitgever van Harper’s Magazine en schrijver van tal van boeken. Haar specialisatie is hoe steden zich ontwikkelen na natuurrampen. Z0 schreef ze over Hurricane Katrina en Loma Pietra Earthquake. In New York, dat kampt met het post Sandy-syndroom, wordt zulke lectuur met meer dan gewone belangstelling gelezen. De veerkracht van gemeenschappen na rampspoed is opvallend groot, aldus Solnit – die van overheden en andere instituties juist opvallend gering. Ik dacht terug aan de aankomst met het vliegtuig op JFK. We cirkelden boven zee en draaiden voor Staten Island langs in noordelijke richting naar Queens. Onder me lag het strand van Coney Island, in de verte zag ik de rotsachtige zuidpunt van Manhattan liggen. De machine vloog al laag. Het zicht was anders dan ik van New York gewend ben: de metropool ligt pal aan de oceaan, ze ligt laag, haar kust heel zandig, dichtbevolkt en totaal onbeschermd. Welkom Rebecca Solnit!

Tagged with:
 

22 miljoen mensen zonder water

On 14 november 2014, in water, by Zef Hemel

Gelezen in Het Financieele Dagblad van 24 oktober 2014:

Afgelopen week een fotograaf ontmoet. Raakte met hem in gesprek. Hij vertelde me dat hij vier jaar in Sao Paulo had gewoond. Niet in Brazilië, verduidelijkte hij, maar in Sao Paulo. De stedelijke regio in het zuiden van het land telt 22 miljoen inwoners, haar grootstedelijke economie is 411 miljard euro waard, dat is een derde van de hele Braziliaanse economie. Sao Paulo is zo groot, dat je haar eigenlijk nooit verlaat. De rest van het land bestaat voor de inwoners eigenlijk ook niet. Dat is geen provincialisme, maar grootstedelijkheid. Je oriënteren kun je je er ook al niet; wil je bij iemand elders in de stad op bezoek, dan bepaal je eerst een plek in de stad die je kent, gaat daar naar toe, om vervolgens je opnieuw te oriënteren, om zo uiteindelijk op je bestemming te arriveren. Daardoor maak je vaak enorme omwegen. Met GPS, zei de fotograaf, is dat probleem overigens opgelost.

Rond dezelfde tijd besteedde Het Financieele Dagblad aandacht aan zakenstad Sao Paulo, de economische motor van het land. Die motor ondervindt ernstige hinder van droogte. Dit jaar bleven de tropische onweersbuien uit. Vorig jaar viel er ook al geen regen. Daardoor zijn de watervoorraden opgeraakt. De rivierbeddingen staan droog, transport over water is niet meer mogelijk, de centrales kunnen niet meer worden gekoeld, de energievoorziening wordt bedreigd. Zelfs de superrijken krijgen er last van. En het erge is, veertig procent van het drinkwater lekt weg of wordt gestolen. De Braziliaanse Rijkswaterstaat wil nu de kraan dichtdraaien. Maar daarmee zou de economie van Sao Paulo tot stilstand komen. De stad probeert nu uit alle macht dit te voorkomen. Ze kan het probleem zelf oplossen, zegt ze. De waterconsumptie heeft ze de afgelopen tien jaar al gehalveerd. Maar de staat ziet dat niet. Die begrijpt niet hoe steden functioneren.

Tagged with:
 

Week van de stad

On 5 november 2013, in water, by Zef Hemel

Gelezen in NRC Handelsblad van 3 november 2013:

Als ik dit schrijf, regent het buiten pijpenstelen. Het lijkt wel moesson. Op 6 november gaat hier in Amsterdam de eerste ‘Week van de Stad’ van start. Een week lang programmeren instellingen rond het Amsterdamse Oosterdok rond het thema ‘water in de stad’. Initiatiefnemer is Stad Forum, de opvolger van de Amsterdamse Raad voor de Stadsontwikkeling. Stad Forum is de hele week te gast bij ARCAM, het Amsterdamse architectuurcentrum; gastcurator is Tracy Metz. De week valt samen met International Water Week 2013, die dezelfde week in de Amsterdamse RAI wordt gehouden. Daar worden 25.000 waterspecialisten uit de hele wereld verwacht, die met elkaar zullen spreken over water als energiebron, hergebruik van afvalwater, flood management, en, niet te vergeten, de water-energie-voedsel nexus in steden. De nieuwste Plan Amsterdam van de gemeente staat ook in het teken van water. Water in de stad, wel te verstaan.

Tegelijkertijd kampt het verre Jakarta met de jaarlijkse moessonregens. Correspondent Melle Garschagen schreef er afgelopen weekeinde dreigend over: “Een knal luidt het regenseizoen in. De grote tak van de mangoboom voor mijn werkkamer buigt niet genoeg met de windstoot mee en ploft op de grond. Het regent zo hard dat het lijkt of mijn huis in een wasstraat is beland. Het water komt overal vandaan, van boven, van onder en opzij. Het stroomt binnen via kieren, de airconditioningsbuizen en poreuze plekken in de muur.” Begin dit jaar maakte Jakarta de ernstigste overstromingen in tien jaar tijd mee. De miljoenenmetropool zakt elk jaar tien centimeter als gevolg van zware bebouwing en inklinking van de grond. Door de dichte en chaotische bebouwing bij waterreservoirs, verstopte pompen en afvoerkanalen kan het water ook bijna niet wegstromen. Ondertussen valt er als gevolg van de klimaatverandering elk jaar meer regen. De kersverse gouverneur Joko Jokowi Widodo heeft aan de bevolking beterschap beloofd. Sterker, hij stelde dat dit jaar de Indonesische hoofdstad niet zal overstromen. Zijn belofte nakomen kan hem het presidentschap van Indonesië opleveren. Maar het klinkt als de weergoden verzoeken. Garschagen: “Het wordt een politiek spannende moesson.”

Tagged with: