Hoogkerk ligt onder de rook van Groningen. Of eigenlijk ligt Groningen onder de rook van Hoogkerk, want het dorp ligt westelijk van de stad, en vanaf 8 september begint weer de jaarlijkse bietencampagne. Daarna ruikt de hele stad maandenlang de weeë geur van vermalen bieten van Cosun Beet uit Hoogkerk. Onze wandeling begint in het oudste deel, grenzend aan het Hoendiep. Dat water volgen we tot voorbij de suikerfabriek. Daarna steken we de brug over naar de A7. Zwaar werkverkeer, vrachtwagens, tractoren. Sabina Theijs en Marieke Kijk in de Vegte zijn fotografen die de stadsrand van Groningen vastleggen. Dat deden ze tien jaar geleden ook al eens. Vandaag wandelen ze met mij. Als we de A7 hebben bereikt en alle vloeivelden van de bietenfabriek zijn gepasseerd, slaan we onze eerste woonwijk in, die hier nog fris en modern oogt en die gehuld gaat in een brede groene zoom van bomen en struiken. Niet dat dat groen het verkeerslawaai echt dempt. Men heeft de laatste grond gewoon opgevuld met nieuwbouwwoningen. Sindsdien ligt Hoogkerk aan beide zijden ingeklemd, tussen vloeivelden van de fabriek en de A7 in het zuiden. In het noorden ligt De Held, een nieuwbouwwijk van Groningen. Nog slechts één perceel kan worden bebouwd: 17 nieuwe woningen op de Bult van Buist.
Als we teruglopen naar het Hoendiep verbaas ik me over de afwisseling van woningen en verkavelingen in het tuindorp. Want dat is het. Je maakt hier een geweldige reis door de tijd. De schenkkan die Hoogkerk feitelijk is, is na de oorlog steeds verder opgevuld met woningen – eengezinswoningen wel te verstaan. Neem de Halmbuurt: negentig arbeiderswoningen voor de toenmalige strokartonfabriek, ontworpen door liefst vier architecten. Sinds 1914 liggen ze daar schitterend onaangeroerd. Ze werden gebouwd in opdracht van de Vereniging ter Verbetering der Volkshuisvesting, opgericht in 1908. Fabrieksdirecteuren waren lid van die vereniging. Verderop de Suikerbuurt, allemaal gave woninkjes in 1919 ontworpen door K. Siekman uit Zuidhorn. Nog iets verder ontwaar ik kleine naoorlogse woningen uit het 1000-Woningenplan van burgemeester Ottevanger uit Ulrum. Om de woningnood op het Groningse platteland te bestrijden liet deze dertig gemeenten samenwerken aan 1000 goedkope nieuwe woningen, alle van dezelfde omvang en dezelfde woningplattegrond, te bouwen door één aannemer. De duizendste werd op 8 mei 1952 door minister In’t Veld van Volkshuisvesting geopend. In, jawel, Hoogkerk. Ze staan er nog, opgeknapt en blauw of geel geschilderd.
Geef een reactie