Gebeurtenissenplanologie

On 12 april 2019, in planningtheorie, by Zef Hemel

Gelezen in ‘De nieuwe keizer’ (2019) van Ties Dams:

Afbeeldingsresultaat voor deng xiaoping book

Wat te denken van ‘gebeurtenissenplanologie’? Dat is een nieuwe vorm van planologie die door middel van gebeurtenissen condities probeert te creëren voor belangrijke fysieke veranderingen. Gebeurtenissenplanologie staat ver af van restrictieve planologie – een technocratische planning die door middel van wetgeving, regelzucht en beleid probeert de ruimtelijke dynamiek te beheersen. Die laatste is al jaren dominant, zeker in ons land. Daartegenover staat ‘uitnodigingsplanologie’. Deze neoliberale vorm van planologie wil méér dynamiek, meer elan, meer vuur. Ze vindt restrictieve planning gezapig, niet spannend genoeg. Maar de technocraten hebben het er moeilijk mee. Zulke uitnodigingsplanologie komt in hun ogen vooral neer op minder overheid en meer marktwerking; de bureaucraten moeten ‘loslaten’, in plaats daarvan dienen ze marktpartijen ‘uit te nodigen’. De nieuwe Omgevingswet van Rutte II en III wil ze hiertoe zelfs dwingen. Ondertussen voelen de burgers de gure zijwind van ongebreidelde competitie en winstmaximalisatie en beginnen ze te begrijpen dat klimaatverandering en grondstoffenschaarste om actief ingrijpen vragen door de overheid. Dit vergt niet minder dan transities. Kan ‘gebeurtenissenplanologie’ uitkomst bieden?

Politicologen maken onderscheid tussen regelpolitiek en gebeurtenissenpolitiek. In die laatste wordt niet de formele weg bewandeld, maar wordt de machtsbalans beïnvloed door beeldvorming. Ties Dams geeft daarvan een treffend voorbeeld in ‘De nieuwe keizer’, zijn boek over Xi Jinping (2019). Deng Xiaoping, in communistisch China aan de macht gekomen na het overlijden van grote roerganger Mao, zelf bedenker van de economische hervormingen, lijkt in 1989 aan de verliezende hand. De hoogbejaarde Deng constateert een terugkeer naar conservatief socialisme na het Tiananmen-incident. Begin 1992 zegt hij met pensioen te gaan. Met zijn hele familie neemt hij de trein naar het zuiden. Echter, bij elk station stapt hij uit en laat hij zich toejuichen door de toegestroomde menigte. Mensen zingen lof van zijn economische hervormingen. Journalisten reizen met hem mee. Na Shenzhen doet hij Hongkong, Singapore, Seoul en Tokio aan. Al deze steden prijst hij als voorbeelden. Ten slotte verblijft hij drie weken in Shanghai, hèt symbool van kosmopolitisch China. Mensen herkennen in zijn reis de eeuwenoude traditie van nanxun, waarbij Chinese keizers hun wereldrijk inspecteren. Door alle aandacht voelen de machthebbers in Beijing zich gedwongen Deng’s hervormingsagenda tot officieel partijstandpunt te verklaren. Dat bedoel ik. ‘Gebeurtenissenplanologie’ zou net zo krachtig kunnen zijn.

Tagged with:
 

Laat Emmen een dorp blijven

On 3 april 2019, in ruimtelijke ordening, by Zef Hemel

Gelezen in De nieuwe keizer (2019) van Ties Dams:

Afbeeldingsresultaat voor ties dams de nieuwe keizer

Was het toeval? Afgelopen week verzorgde burgemeester Halsema de Kohnstammlezing in Amsterdam. Ze sprak over kennis en vaardigheden die nodig zijn voor goed burgerschap. Het onderwijs speelt daarin een belangrijke rol. De afgeladen zaal herinnerde ze aan Joop den Uyl en diens streven naar ‘spreiding van kennis, macht en inkomen’. De zondag erna sprak ikzelf in Emmen, Drenthe, dat is mijn geboorteplaats, de plek waar ik opgroeide. In de mij zo vertrouwde plaatselijke bibliotheek zocht ik naar historische argumenten waarom de naoorlogse industriekern Emmen maar geen stad wil worden en het ook niet zou moeten nastreven. Ik liet zien hoe in de jaren zestig de regering een omvattend ruimtelijk-economisch programma ontvouwde om het Nederlandse platteland definitief op te stoten in de vaart der volkeren. Tientallen groeikernen in het noorden, zuiden en oosten zouden industrie uit het westen toebedeeld krijgen, de landerijen zouden worden herverkaveld, hun hoofdkernen met autosnelwegen ontsloten, de nieuwe IJsselmeerpolders als modelplatteland ontworpen, de grote steden afgebroken, hun bevolking gedwongen ‘over te lopen naar groeikernen’ en hun industriekader en ambtenarij eerlijk verdeeld over de provincies. Die enorme staatsoperatie bereikte niet toevallig zijn euforisch hoogtepunt tijdens Den Uyl’s regeerperiode. Kennis, macht en inkomen zouden uitvloeien over het hele land. In economisch opzicht leidde ze tot een lange crisis. Maar Emmen en, o ironie, ook ikzelf zijn van die spreidingsoperatie de resultante.

Het toeval wilde dat ik die zondag in de trein op weg naar Emmen ‘De nieuwe keizer’ las, het boek van Ties Dams over Xi Jinping. Dams beschrijft hoe de jeugd van de latere Chinese leider samenvalt met de Culturele Revolutie van Mao Zedong. Net als vele anderen belandt de jonge Xi in de gevangenis. Maar op 22 december 1968 wordt hij daar ontslagen. Mao beveelt studenten en scholieren de steden te verlaten “om op het platteland over het leven van de boerenbevolking te leren.” Hij wil de verweekte stadsjeugd hardhandig laten kennismaken met het China van de rijstvelden. “We hebben twee handen, dus laten we niet blijven luieren in de stad!” Binnen enkele maanden zijn de grote steden leeggestroomd; 17 miljoen jongeren worden tussen 1968 en 1979 naar het platteland gestuurd. Xi vertrekt naar het noorden en wordt ondergebracht in een grot; hij slaat er waterputten. Ik moest denken aan mijn lezing van die middag en ook aan het kabinet Den Uyl, dat van 1973 tot 1978 regeerde. Spreiding van kennis, macht en inkomen maakte dat bestuurders uit het hele land naar Emmen trokken om het woonerf te zien. Emmen beleefde zijn ‘finest hour’. In diezelfde tijd namen krakers bezit van de ontruimde woningen in Amsterdam. Niemand gaf een stuiver om de hoofdstad. Hoe anders is het nu. Was het Mao’s culturele revolutie die naar Nederland overwaaide?

Tagged with:
 

The Old and the New Giant

On 12 februari 2019, in toerisme, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Overbooked’ (2013) van Elizabeth Becker:

Afbeeldingsresultaat voor overbooked elizabeth becker

Eerder al schreef ik over het boek van de Amerikaanse journalist Elizabeth Becker over het verschijnsel van ‘overtoerisme’. Deel vijf in ‘Overbooked. The Exploding Business of Travel and Tourism’ gaat over de twee wereldmachten: ‘The New Giant’ en ‘The Old Giant’. Met de eerste wordt China bedoeld, met de tweede de Verenigde Staten van Amerika. Wat China betreft schrijft Becker dat het immense land een toerismesector kent die door de communistische regering tot grote hoogte wordt opgestuwd. Peking voert niet alleen een actieve industrie-, innovatie- en technologiepolitiek, maar ook een krachtige toeristische politiek. De grote doorbraak kwam met de organisatie van de Olympische Spelen in de Chinese hoofdstad in 2008. “This was China’s coming-out party.” De vier miljard mensen die de spelen destijds zagen, werden moeiteloos rijp gemaakt voor een bezoek aan het onbekende wereldrijk. De kosten – 40 miljard dollar – die in de organisatie waren gestoken, waren het alleszins waard. Tiananmen Square was snel vergeten. Sindsdien spenderen buitenlandse gasten in China niet minder dan 45 miljard dollar per jaar. En dan was er de Wereldtentoonstelling in Shanghai in 2010. Kosten: 55 miljard dollar (aan het metronet van de Chinese havenstad werd 45 miljard dollar uitgegeven). Er kwam 73 miljoen mensen op af. Het jaar daarop startte de bouw van Disneyland Shanghai. Sindsdien is het Chinese toerisme aan een onstuitbare opmars bezig. Becker: “It is hard to fathom how much of the future of the world’s tourism industry is in the hands of the Chinese.”

Het contrast met ‘The Old Giant’ kan niet groter. Washington doet niets om de toerismesector in de Verenigde Staten te bevorderen. Integendeel. Niet alleen heeft de Amerikaanse regering altijd centrale planning afgewezen, vakantiedagen krijgt de Amerikaanse werknemer domweg niet. Wie zo hard moet werken, heeft geen tijd voor vakantie vieren. Voor buitenlanders werd na September 11, 2001 het vliegen op de VS bovendien bijzonder lastig gemaakt. Visa zijn nodig, wachttijden op de luchthaven zijn steevast lang. Eerder al, in 1996, trokken de VS zich terug uit de toeristische organisatie van de Verenigde Naties. En Las Vegas? De gokstad in Nevada werd de afgelopen jaren weggedrukt door Macao en Singapore, die zich zeer succesvol op het goktoerisme stortten. De stad moest zich aanpassen. Daar draait het nu om congressen en seminars. Liefst 19.000 congressen leveren de stad inmiddels 6,3 miljard dollar op, jaarlijks. Er zouden meer mensen naar Vegas gaan dan naar Mekka. En op Hawaii biedt de toerismesector tegen de defensie-industrie op; beide zijn goed voor 1 miljard dollar inkomsten elk jaar. Het probleem is daar minder gebrek aan steun vanuit Washington. Toerisme wordt er bedreigd door een hele snelle zeespiegelstijging. Gekke wereld. Alles verandert zo snel.

Tagged with:
 

Ondertussen in Peking

On 6 januari 2019, in infrastructuur, by Zef Hemel

Gelezen in New York Times van 24 november 2018:

Gerelateerde afbeelding

 

Een filmpje van de nieuwe luchthaven van Peking ging viraal op het web tijdens de kerstdagen. In The New York Times las ik een reportage over Beijing Daxing International Airport. Naar verwachting opent deze misschien wel grootste luchthaven ter wereld zijn deuren in september 2019, na een record van amper vijf jaar bouwen. In ‘A Big New Airport Shows China’s Strengths (and Weaknesses)’ schrijft Ian Johnson over de grootse ambities die de metropool Peking heeft met de nieuwe luchthaven. Peking, een megastad van 22 miljoen inwoners, moet de economische motor worden van noordelijk China: Jingjinji Metropolitan Region, en de 82.000 vierkante mijl van de nieuwe luchthaven, vijfenveertig kilometer ten zuiden van de metropool, dient om die economische ambitie waar te maken. Dit zuidelijke deel is veel armer dan het rijkere noorden waar op dit moment nog de internationale luchthaven zich bevindt en waar de campussen van de technische universiteiten zorgen voor een concentratie van hi-techbedrijven. Eind dit jaar rijdt er een nieuwe metro naar het zuiden en ook krijgt de luchthaven een station voor een nieuwe hogesnelheidslijn. Johnson vindt het een zwaktebod. Kennelijk moet infrastructuur economische groei teweegbrengen. Hij had liever economische hervormingen gezien.

Alleen al de oranje terminal van de nieuwe luchthaven, ontworpen door het Londense bureau Zaha Hadid, beslaat 700.000 vierkante meter. In 2025 zullen hier 72 miljoen passagiers per jaar in- en uitstappen, dat is meer dan Schiphol op dit moment; de 120 miljoen van 2050 zullen zelfs de capaciteit van alle zes Londense luchthavens samen overtreffen. De nood is hoog, want de afgelopen jaren groeide het vliegverkeer in China met telkens 13 procent. De noodzaak wordt nog vergroot doordat de Chinese luchtmacht zeventig procent van het luchtruim boven China controleert. Alle luchtverkeer moet daarom door nauwe corridors, wat het aantal starts en landingen ernstig belemmert. Met de vier, uiteindelijk acht nieuwe landingsbanen hoopt Peking flinke extra capaciteit te scheppen. Voor de luchthaven, die een oppervlak zo groot als twee derde van Manhattan beslaat, moesten elf kleine dorpen worden afgebroken. In totaal werden 20.000 mensen geëvacueerd. Johnson vindt het maar niks. Juist voor Amerikanen is zoiets jaloersmakend. Hun luchthavens zijn krap, uitgeleefd, niet toekomstbestendig. Overigens maakt de nieuwe luchthaven van Peking onderdeel uit van het Beijing-Tianjin-Hebei Integration Plan (hier de link: http://www.china-briefing.com/news/the-beijing-tianjin-hebei-integration-plan/). Laagwaardige, milieubelastende functies, stelt het plan, moeten naar buiten. Zelfs het regeringscentrum van de hoofdstad zal worden verplaatst naar de satellietstad Tongzhou in het oosten, waar onlangs een nieuwe metrolijn is geopend. China zelf zet in op de bouw van hogesnelheidslijnen om het luchtverkeer te ontlasten. De megastad maakt zich op voor een groeispurt die moet leiden naar schonere lucht, betere infrastructuur, hoogwaardige economie. Komt dat zien.

Tagged with:
 

1,5 of 2 graden maakt groot verschil

On 9 oktober 2018, in duurzaamheid, by Zef Hemel

Gelezen op ChinaFile.com van 18 mei 2015:

Afbeeldingsresultaat voor chinafile rising sea level

Bron: ChinaFile

Deze week hield het IPCC in Incheon, Zuid-Korea, haar 48ste vergadering. Er lagen drie rapporten voor. Een ervan ging over de verwachte gemiddelde temperatuurverhoging van 1,5 graad Celsius. Dat bleek ronduit alarmerend. De wereldgemeenschap, reageerde de Verenigde Naties, heeft nog 12 jaar om het tij te keren. Doet ze dat niet, dan gaat het richting 2 graden temperatuurstijging. De gevolgen van die halve graad extra zijn nauwelijks te overzien. Honderden miljoenen mensen zullen worden bedreigd door overstromingen of extreme droogte. Het oppervlak van gebieden die zullen onderlopen bij een zeespiegelstijging bij 2 graden temperatuurverhoging is vijftig procent groter dan bij 1,5 graad. Vijftig procent! Voor het laaggelegen Nederland maakt die halve graad dus nogal wat uit. Verdwijnt ons land of niet. Op dit moment is de aarde al één graad warmer dan in pre-industriële tijden. Ik verwachtte een toespraak van de premier, maar die kwam niet. Nee, wij zijn veilig en we werken inmiddels aan een energietransitie. Er is al 120 miljoen euro rijksmiddelen beschikbaar voor buurten die van het aardgas af willen en de woningbouwcorporaties krijgen nog eens 100 miljoen extra. En we gaan allemaal in elektrische auto’s rijden. Nee, dan China.

Op ChinaFile.com zijn bloedstollende interactieve kaarten te zien die aangeven welke kuststreken in China door de zeespiegelrijzing rechtstreeks worden bedreigd, gebaseerd op de meest recente voorspellingen van het IPCC. Het blijkt te gaan om werk van de cartograaf Jeffrey Linn, woonachtig in Seattle. Eerder had hij dit werk al gedaan voor de westkust van Canada en de Verenigde Staten. Omdat 43 procent van de Chinese bevolking in de kustzone leeft, vroeg ChinaFile hem ditzelfde te doen voor China. Kijk eens en huiver. Vooral de Pearl River delta met steden als Hongkong, Shenzhen en Guangzhou, nu al meer dan 30 miljoen inwoners tellend, zullen compleet van de aardbodem verdwijnen. Ook Dalian en Shanghai moeten ernstig vrezen voor hun toekomst. Deze laaggelegen gebieden kampen nu al grote problemen met ernstige verzilting. In de Pearl River delta zijn de meeste mangrovebossen opgeruimd en wordt op grote schaal vuilnis gestort om zo nieuw land te winnen. In New York is tijdens Sandy gebleken dat deze vuilstorten langs de kusten niet alleen met het wassende water als eerste wegspoelen, maar ook de zee en de oeverzones ernstig verontreinigen. En dan verzakt overal de bodem, want deze haastig gebouwde metropolen zijn in moerasland gebouwd. Ik zie hier een kans. Nederland kan zijn waterkennis exporteren.

Tagged with:
 

A Better Life in 2049

On 5 juni 2018, in politiek, by Zef Hemel

Gelezen in China Daily European Weekly van 25-31 mei 2018:

Afbeeldingsresultaat voor a better life xi jinping china

Bron: Youtube

In Barcelona de China Daily gelezen, de European Weekly wel te verstaan. In het hoofdartikel, geschreven door Andrew Moody, komen de belangrijkste Chinakenners in Europa aan het woord. Hen werd gevraagd te reageren op ‘A Better Life’, de rede van secretaris-generaal Xi Jinping van de Chinese communistische partij tijdens het 19e partijcongres in oktober afgelopen jaar. Daarin omarmde de Chinese leider globalisering en bevestigde hij zijn ‘Belt and Road Initiative’ uit 2013. Ook gaf hij aan de Chinese economie te willen verduurzamen, waarbij hij verwees naar de klassieke Chinese literatuur die de schoonheid van het Chinese landschap bezong. Kritiek lees je natuurlijk niet in zo’n Chinese krant, maar boeiend is het wel. Ian Golding van Oxford University bijvoorbeeld antwoordde dat hij de rede niet minder dan ‘een waterscheiding’ voor de wereld vond, en Kerry Brown van King’s College wees op het verbindende karakter van de Chinese aanpak en de stabiliserende intentie ervan. William Hague, oud-staatssecretaris van het Verenigd Koninkrijk, had in de Daily Telegraph geschreven dat China als enige reflecteert over zijn positie in de wereld en ook de enige is met een mondiale strategie. Na Brexit en Trump (‘America First’) is dit in het Westen niet langer het geval.

Velen gaven aan te geloven dat China zijn doelen zeker zal halen: binnen 17 jaar wereldleider op technologisch gebied, einde aan de armoede in 2049 – het jaar wanneer de Chinese Communistische Republiek 100 jaar bestaat -, en een schone economie. Vervolgens komt Martin Jacques aan het woord. Jacques is auteur van ‘When China Rules the World. The End of the Western World and the Birth of a New Global Order’. Over zijn boek heb ik eerder al een blogpost geschreven. Fijntjes wijst hij erop dat men in het Westen nu minder afwijzend staat tegenover het Chinese governance-model en het eigen model zelfs niet langer superieur acht. Het Chinese is kennelijk toch succesvol. Maar waarin schuilt dan die bijzondere kracht? Volgens Jacques heeft de Chinese regering een heldere koers uitgezet richting 2049, een koers waarin zij de hele wereld betrekt. “China has a very long-term approach with goals now right up to the middle of the century.”  Zo’n narratief ontbreekt in het Westen, waar verdeeldheid heerst en waar men gelooft dat het leven in de toekomst slechter zal worden, en dat maakt haar zwak. Nee, dan China. Jacques: “There is a new atmosphere, a certain exuberance, self-confidence and elan that you can see among the Chinese population that you no longer in the West.” Elke planoloog weet dat je zonder gedeeld toekomstbeeld nooit goed zult samenwerken. Wat bij ons ontbreekt is zelfvertrouwen, exuberantie, elan, een langetermijnvisie, een gedeeld perspectief.

Tagged with:
 

Grootheidswaan

On 16 maart 2018, in ruimtelijke ordening, by Zef Hemel

Gelezen in FD van 10 februari 2018:

Afbeeldingsresultaat voor pearl river bay area plan

Bron: Asia Briefing Ltd.

In ‘Hongkong is op zoek naar een identiteit’ schreef Marcel de Boer niet zozeer over Hongkong als wel over de Greater Bay Area: de elf Chinese steden waaronder Hongkong die samen de Pearl River Delta vormen. De Bay Area, aldus zijn artikel in het FD van zaterdag 10 februari, verwijst naar een idee van de Chinese president Xi Jinping om alle steden in de delta van de Pearl River door middel van infrastructuur aan elkaar te smeden. Zo moet een metropool ontstaan met een economische productie van 1400 miljard dollar, “vergelijkbaar met de Zuid-Koreaanse economie en groter dan de Australische en Russische.” De steden, aldus De Boer, moeten stoppen met elkaar te beconcurreren en regels beter op elkaar afstemmen. Elke stad dient zich te specialiseren, waarbij Hongkong de logistieke en financiële dienstverlening moet gaan regelen. Er mag geen ‘drakenkopstad’ ontstaan, zo lees ik ook. Dat is een stad die alle bedrijvigheid opslokt. Elk van de elf steden moet beheerst groeien. “Xi denkt graag groot,” citeert De Boer Charles Ng, onderdirecteur van Invest HK. Naast de brug-tunnel tussen Macao en Hongkong wordt de hogesnelheidstrein tussen Hongkong en Shenzhen gezien als symbool van de nieuwe metropolitane ambitie. “Het wordt een metropool van wereldklasse,” stelt econoom Yifan Hu in het FD.

De ambitie van de Nederlandse regering, vastgelegd in de Ruimtelijk-Economische Ontwikkel Strategie (REOS), om de vier grote steden in de Randstad en het Brabantse Eindhoven tot één metropool aaneen te smeden doet sterk denken aan het Chinese plan. Ook in Nederland mag geen ‘drakenkopstad’ ontstaan. Amsterdam moet dimmen. Nieuwe infrastructuur en duidelijke afspraken tussen de steden in het westen en zuiden zullen verhinderen dat één van hen straks alle bedrijvigheid naar zich toe trekt. Een typisch staaltje verdeel-en-heerspolitiek, net als in China. Zo’n plan is uiteraard tot mislukken gedoemd, dat heeft de geschiedenis van de ruimtelijke planning genoegzaam geleerd. Steden hebben hun eigen dynamiek. Hoe groot is de Chinese Bay Area? Van Guangzhou naar Hongkong gemeten is de afstand 130 kilometer, van Macau naar Hongkong 65 kilometer. Die afstanden zijn vergelijkbaar met het Nederlandse schema. Alleen telt Guangzhou op tot 15 miljoen, Shenzhen 13 miljoen, Macao 600.000 en Hongkong ruim 7 miljoen inwoners. In totaal omvat de Bay Area 68 miljoen inwoners, over veertien jaar zullen dat er 86 miljoen zijn. Dat is toch echt wat anders dan de Randstad. Onze grote steden zijn aandoenlijk minuscuul, waar hebben we het eigenlijk over? Eerder doet het Chinese plan denken aan Londen en Parijs aaneengesmeed door een tunnel en HSL. Ik zou zeggen, laten we in Nederland eerst een echte stad bouwen, in plaats van nog meer infrastructuur.

Tagged with:
 

Limits to growth

On 17 februari 2018, in internationaal, by Zef Hemel

Gelezen in China Economic Review van 9 februari 2018:

Afbeeldingsresultaat voor beijing population growth 2017

Door Tom Wolters, woonachtig in Peking, kreeg ik een interessant artikel toegespeeld, geschreven door Dominic Morgan in de China Economic Review, over de discussie die op dit moment speelt in China rond de omvang van de megasteden. De lucht van Peking, Shanghai en Hong Kong is ernstig vervuild, het verkeer zit muurvast, en de grondprijzen stijgen tot ongekende hoogte, het is genoegzaam bekend. Vorig jaar kondigde de Chinese overheid daarom aan de omvang van de grootste Chinese steden te willen begrenzen. Peking mag niet groter worden dan 23 miljoen, Shanghai wordt begrensd op 22 miljoen inwoners. In plaats van nog verder te investeren in deze steden, begon de regering haar aandacht te verleggen naar de achterblijvende provincies in het oosten van het enorme land. Onmiddellijk begonnen de steden hun achterbuurten op te ruimen en de arme, vaak illegale mensen te verdrijven. Alleen al Peking wil twee miljoen arme stakkers uit de stad wegjagen. Hiermee proberen de steden vooral ruimte te scheppen voor parken en ontspanningsruimte. Shanghai bijvoorbeeld wil een twee kilometer strekkende groene corridor langs de oostoever van de Huangpu rivier aanleggen. Aan groen hebben de beide steden een groot gebrek. Voor het eerst sinds 1978 zijn Peking en Shanghai niet meer gegroeid. Verstandig? Succesvol? Dat valt te bezien.

Chinese wetenschappers, aldus China Economic Review, wijzen op het feit dat wereldwijd de economie steeds meer samentrekt in de allergrootste steden. Daar worden de nieuwe banen gecreëerd, aldus Lu Ming van Shanghai Jiao Tong University. Hij wijst op Tokio, dat nu al een derde van de Japanse bevolking omvat, het GDP van deze Japanse megastad is naar verhouding nog groter. “In fact, Lu believes that China’s problem is not that its megacities are too big; it’s that they’re not big enough.” Hij is niet de enige. De problemen waar de allergrootste steden in China en in de wereld op dit moment mee worstelen zouden volgens vele deskundigen juist voortvarend moeten worden aangepakt door goede stadsplanning en door grootschalige investeringen in scholen, ziekenhuizen, woningen, parken en infrastructuur, niet met bevolkingslimieten of door mínder woningen te bouwen. Opzettelijke schaarste aan bouwgrond doet de vastgoedprijzen juist de pan uitrijzen. “In China, we restrict land supply and accordingly we also restrict housing supply as a policy to restrict population growth. This is distortion.” Groeiende ongelijkheid wordt er evenmin mee opgelost. “Despite their problems, the big cities offer the best wages, the best schools and hospitals, and, therefore, are probably the most effective source of social mobility.” Doorgroeien dus. Maar dan wel verantwoord. Zal de Chinese overheid naar deze adviezen luisteren?

Tagged with:
 

Hyper-density als conditie

On 11 december 2017, in innovatie, by Zef Hemel

Gelezen in The Economist van 23 september 2017:

Gerelateerde afbeelding

China innoveert. En hoe. Op gebied van fintech is China nu al marktleider, want innovaties zijn daar qua investeringen groter dan in de VS. Ook op gebied van Virtual Reality nadert China in rap tempo het niveau van Noord-Amerika. Wat betreft zelfsturende auto’s is China op dit moment nummer twee in de wereld. Wie had gedacht dat men daar in China achterliep heeft het echt mis. In ‘The next wave’ schilderde het Londense zakenblad The Economist onlangs China af als het ultieme innovatieland van de toekomst. Goed opletten dus. De volgende generatie technologische innovaties komt niet meer uit de Verenigde Staten of Europa, maar is Chinees. The Economist gaf voor die onverwachte wending ook een verklaring. Ten eerste de enorme schaalvoordelen van de Chinese thuismarkt – een reusachtig land met een zeer moderne infrastructuur -, die ondernemers daar op een voorsprong zetten. In de tweede plaats de Chinese consumenten die zeer koopbelust zijn, zij zijn het die het liefst het allernieuwste aanschaffen en ook niet terugdeinzen voor de nieuwste technologie. Ten derde de inefficiëntie van de grote Chinese staatsbedrijven, waardoor kleine nieuwkomers al snel een enorme voorsprong krijgen mits ze de consument goed bedienen.

Westerse markten stagneren al jaren. Voor nieuw ondernemerschap is dat allerminst gunstig. Opmerkelijk vond ik bovendien dat Chinese ondernemers nu al op een wereldschaal denken en niet meer alleen op de schaal van hun enorme thuismarkt. Of, zoals een Chinese innovatie-expert in het artikel opmerkt: “They know much more about what is going on in Silicon Valley or Israel than do Europeans.” En ze zijn gewoon sneller, de Chinese ondernemers. Maar want me in het artikel nog het meeste bijbleef was de beschrijving die ene Mr. Lee gaf van de kenmerken van het Chinese innovatieklimaat. Gevraagd naar de moordende snelheid van tal van innovaties sprak hij over China niet alleen in termen van een omvangrijke thuismarkt en een leger jonge en gretige ondernemers, maar vooral van ‘its urban hyper-density’. Doordat de Chinese steden zoveel groter, hoger en compacter zijn dan de Europese en zelfs de Amerikaanse gaat innovatie daar veel sneller. De veel hogere ‘pace of life’ als gevolg van hyperurbanisatie vind je echter terug zelden in de Europese literatuur over innovatie-ecosystemen. Het belang van grootstedelijkheid bagatelliseren is een ernstige vergissing die Europa flink zal bezuren.

Tagged with:
 

Hoe China uit elkaar valt

On 20 november 2017, in demografie, by Zef Hemel

Gelezen in The Economist van 23 september 2017:

Figure 8 Urban trajectories in China

Bron: Cybergeo

Hoe hard de bevolking in perifere regio´s kan krimpen, daarover berichtte eind vorige maand het Britse The Economist. In ‘Ups and Downs’ schreef ze over hoe het reusachtige China kampt met snel toenemende bevolkingskrimp. Gedeeltelijk is dit de erfenis van de eenkindpolitiek, deels komt het door de snel toenemende welvaart en urbanisatie die het vruchtbaarheidscijfer van Chinese vrouwen snel doen dalen. Met een vruchtbaarheidscijfer van 0,71 is de Chinese megastad koploper in de terugloop van het aantal geboortes. Traditiegetrouw krijgen vrouwen in plattelandsgebieden de meeste kinderen, in stedelijke gebieden worden veel minder kinderen geboren, en dus ook in Beijing. Een gemiddelde van 2,1 is nodig om een bevolking op peil te houden. Met andere woorden, de Chinese hoofdstad zou snel krimpen als niet veel mensen naar Beijing zouden migreren. En dat doen ze op grote schaal. Ondertussen blijft de bevolking op het platteland, waar ook vroeger officieel uitzondering op de eenkindpolitiek werd gemaakt en gezinnen meer dan één kind mochten grootbrengen, licht doorgroeien. Maar hun kinderen verliezen ze aan de grote steden. En waar de bevolking snel krimpt, daar ontstaan acute problemen met de pensioenvoorziening en met de arbeidsmarkt.

De allergrootste Chinese steden  Beijing, Shanghai en Tianjin winnen sterk aan inwoners, ondanks het feit dat hun vruchtbaarheidscijfer uitzonderlijk laag is. Dit heeft te maken met het inkomensniveau. In grote steden ligt dit beduidend hoger. De groei van de bevolking is daar zelfs meer dan 3 procent per jaar. Jongeren trekken naar de grote stad. Ondanks het feit dat de drie metropolen de immigratie proberen te dempen, groeien ze versneld door. Het platteland en de provinciesteden proberen juist bevolking aan te trekken met goed onderwijs en met versoepeling van regelingen, maar dat is vergeefs. En de Chinese centrale overheid? Haar grote zorg is de groeiende ongelijkheid tussen de regio’s en de niet te stuiten opmars van de allergrootste steden. Het denkt door herverdeling de krimpregio’s te steunen en de metropolitane groei af te remmen en zo het immense land bij elkaar te houden. Onder het bewind van Xi Jinping is in China sprake van een zeer sterke centralisatie.  Maar volgens The Economist is de president veel te laat met ingrijpen. Metropolen blijven groeien en het platteland loopt leeg. China is op termijn niet bij elkaar te houden. Het immense land is niet de enige. Steeds meer landen ontwikkelen zich in de richting van stelsels van stadstaten. Zeer lichte stedenbanden, afgewisseld door ontvolkt platteland, zullen de oude natiestaten op termijn doen vergeten.

Tagged with: