New family

On 22 januari 2018, in Geen categorie, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Tokyo Totem’ (2015) van Monnik:

Afbeeldingsresultaat voor tokyo totem new family

Bron: Tokyo Totem

In Japan is de vergrijzing van de bevolking al veel verder gevorderd dan in Nederland. Wat daar op dit moment gebeurt staat ons nog te wachten. Decennialang heeft de Japanse maatschappij echter het voorbeeld van het dominante Westen gevolgd en het gezin centraal gesteld in het grootstedelijke wonen. Vóór die tijd leefden de Japanners in familieverband in grote woonhuizen. Het nauwere gezinsleven in het standaardappartement heeft hen kwetsbaar gemaakt nu geboorte- en sterftecijfer historisch laag zijn en de individualisering diep ingrijpt in het sociale leven. Binnenkort is een derde van de bevolking ouder dan 60 jaar. Japanners worden ouder, eenzamer en lijken kwetsbaar. Wie zorgt er voor hen? Het standaardappartement van een gezin van drie leden in Tokio meet slechts 50 vierkante meter. Zit hier nog wel toekomst in? In ‘Tokyo Totem’ schetst Inara Nevskaya, docent aan de Freie Universität in Berlijn, de opkomst van ‘mico-communities’ in Tokio als nieuw antwoord op deze tendensen. Ze denkt dat dit een beweging van de toekomst wordt die antwoord kan geven op een groot aantal nieuwe problemen. Ik las haar artikel met grote belangstelling omdat Amsterdam volgens mij eenzelfde ontwikkeling te wachten staat.

Japanners hechten aan privacy, maar in hun oude woonhuizen waren ze wel degelijk gewend aan het delen van de ruimte onderling. Ruimtes konden steeds met tatami matten heel flexibel worden ingedeeld. De micro-communities die Nevskaya in Tokio bezocht hadden alle de standaardappartementen doorgebroken, waardoor gedurende de dag een ‘nieuwe choreografie’ was ontstaan in op zichzelf bescheiden ruimten maar waar grote aantallen individuen vredig met elkaar konden samenleven en slapen, soms in hele kleine capsules. Zo’n wooncollectief omvat vaak niet meer dan zeven kleine ruimten. Het bescheiden balcon – doorgaans een plek voor de wasmachine en het droogrek – bleek een plek met veel planten waar de bewoners zich konden terugtrekken. Omdat Tokio zeer duur is, zagen de bewoners ook wel de noodzaak tot de vorming van een wooncollectief. Sterker, veel bewoners van de ‘micro-communities’ zetten de stap naar collectief wonen puur vanwege het feit dat wonen in de megastad onbetaalbaar is. Het zou dus wel eens kunnen dat uitgerekend in dure metropolen als Amsterdam individualisme wordt omgezet in collectieven die ver voorbij het gezin reiken en die door samenvoeging van op zichzelf bescheiden vierkante meters leefruimte nieuwe leefvormen tot stand brengen.

 

Uittocht der uittochten

On 20 januari 2018, in kunst, by Zef Hemel

Gehoord in Kapitein Zeppos in Amsterdam op 12 januari 2018:

Afbeeldingsresultaat voor 8 billion city arne hendriks

Bron: Arne Hendriks/Monnik

Kunstenaar Arne Hendriks was vorige week vrijdag te gast bij de Masterstudio The Circle City van het Centre for Urban Studies van de UvA. Het werd een fascinerende event. Hendriks, die de laatste spreker was, vertelde over FATberg, de 500 kilogram vet die hij sinds deze winter in het IJ laat drijven en die moet uitgroeien tot een groot eiland van door huishoudens afgedankt vet. Na afloop van zijn lezing aten we gezellig een hapje in Kapitein Zeppos. Hendriks vertelde honderduit over zijn stad van 8 miljard mensen die hij samen met het Amsterdamse bureau Monnik ergens in de wereld, liefst in de Atlantische Oceaan, wil bouwen. In ‘8 Billion City’ willen ze de consequenties onderzoeken van zo’n enorme stedelijke agglomeratie, te bouwen in richtjaar 2025. Waar precies moet de stad verrijzen? Hoe groot? Hoe voedt zo’n reuzenstad zichzelf? Welk politiek systeem hoort erbij? In ieder geval, zei hij, hoort er een groot evacuatieplan bij, want mensen vertrekken niet vrijwillig massaal naar één punt. Achterblijven is geen optie. Dan krijg je gedoe. In Friesland had hij samen met studenten zo’n evacuatieplan ontwikkeld en getest. Evacuatie zou een oplossing zijn voor de problematiek van de bevolkingskrimp.

Op 29 oktober 2015 berichtte de Leeuwarder Courant inderdaad droogjes: ‘Kunstenaar onderzoekt evacuatie Friesland’. Samen met studenten van de Academie voor Popcultuur bedacht Hendriks wat er nodig is om alle Friezen in één keer te verhuizen. Hendriks tegenover de krant: “Men kan zich verzetten tegen de braindrain in Friesland, maar men kan ‘de krimp’ ook accepteren: jonge mensen en talenten wonen nu eenmaal liever in de Randstad.” Dus hoe evacueer je 6.5 ton mensen? Studenten spraken met de politie, de brandweer, het leger en de gemeenten. Projectleider Daan Branding dacht aan verzamelplaats Joure en dan met z’n allen met boten vertrekken. Waar naartoe wist hij nog niet. Een soort Ark van Noach idee. Het plan werd gepresenteerd in Leeuwarden tijdens het Media Art Festival eind november 2015. Huis-aan-huisblad Leeuwarden meldde: “Deze week wordt het oude kantoor in De Snackbar verruild voor een nieuw onderkomen in de Oude Slachterij aan de Kleine Hoogstraat waar de laatste voorbereidingen worden getroffen voor de grootste logistieke operatie aller tijden.” Het werd, begreep ik, een daverend slot.

Tagged with:
 

De regeneratieve stad

On 19 januari 2018, in Geen categorie, by Zef Hemel

Gehoord in het Universiteitstheater van de UvA op 8 januari 2018:

Afbeeldingsresultaat voor herbert girardet adelaide

Bron: Herbert Girardet

Herbert Girardet, de eerste spreker tijdens de Masterstudio The Circle City van de UvA afgelopen week, is adviseur van UNEP en UN-Habitat. Onze steden, zei hij, zijn allesbehalve duurzaam. Hij vond het tijd worden dat we iets gingen teruggeven aan de natuur. Tot nog toe hebben steden alleen maar genomen. De Masterstudio, een jaarlijks terugkerend evenement bij Planologie aan de UvA, wordt georganiseerd door het Center for Urban Studies en is bedoeld voor masterstudenten Planologie en belangstellende professionals. Dit jaar was het onderwerp ‘circulaire steden’. Girardet, van origine Duitser maar woonachtig in een dorp bij Bristol, Engeland, schetste het beeld van de migrant die naar de stad trekt en vervolgens gemiddeld viermaal meer hulpstoffen verbruikt. Steden, betoogde hij, bezetten slecht 3 procent van de aarde, maar gebruiken 80 procent van het aardoppervlak voor energie, voedsel, water en grondstoffen. Hongkong mag dan compact zijn in een extreem hoge dichtheid, de ecologische voetafdruk van de megastad is wel drie planeten aarde. De voetafdruk van Nederland is overigens nog groter (3,5 planeten aarde). We moeten, kortom, heel andere steden gaan bouwen.

Girardet duidde de stad van de toekomst aan als ‘ecopolis’. De ecopolis wijkt fundamenteel af van de bestaande ‘petropolis’. Alle organische afval wordt er hergebruikt, alle andere stoffen worden gescheiden, gerecycled dan wel ge-upcycled. Alle energie komt er uit zon en wind. Zeker, plastics vormen een groot probleem; hergebruik van elektronisch afval is ook onopgelost. Steden niet alles verbranden, denkend dat dan het probleem is opgelost. Als voorbeeld noemde Girardet Adelaide, Australië. Vijftien jaar geleden werd hij door het bestuur gevraagd om de wijze waarop de stad functioneert opnieuw tegen het licht te houden. Hij produceerde een rapport met liefst 32 aanbevelingen. De meeste zijn opgevolgd. De stad van 1,5 miljoen inwoners draait nu voor 45% op wind en zonne-energie; opslag vindt plaats in een 100 megawatt batterij; de CO2-uitstoot is sinds 2000 met 15% gedaald; alle organische afval wordt gecomposteerd en door de boeren ten noorden van de stad hergebruikt; een grootschalig programma voor herbebossing zorgt voor zuivering van de lucht; er zijn duizenden nieuwe groene banen gecreëerd; de lokale democratie is gevoed, bestuurders hebben weer een langetermijnvisie. In 2018 is het 50 jaar geleden dat de Club van Rome naar buiten trad met haar eerste alarmerende rapport. Het wordt werkelijk tijd dat steden in beweging komen.

 

Dalende woningprijzen in Tokio

On 18 januari 2018, in wonen, by Zef Hemel

Gelezen op Forbes.com van 12 augustus 2016:

newly constructed house data

Afgelopen dinsdagavond hield de Amsterdamse gemeenteraad een hoorzitting over de crisis op de Amsterdamse woningmarkt. Het leek wel alsof alleen Amsterdammers met hoge woningprijzen worstelen. Dat is natuurlijk niet waar. Ook succesvolle Amerikaanse en Aziatische steden dreigen onbetaalbaar te worden. De uitkomst van het gesprek was dan ook teleurstellend. ‘Problemen op woningmarkt te complex voor snelle oplossing,’ kopte Het Parool na afloop. Hoezo complex? In ‘Tokyo’s Affordable Housing Strategy: Build, Build, Build’ schreef Scott Beyer over de aanpak die Tokio volgt om de hoge prijzen op de woningmarkt te bestrijden. Deze aanpak stelde hij tegenover die van Amerikaanse steden als New York, Los Angeles en San Francisco. Ook daar schieten de woningprijzen door het plafond. Hun probleem, aldus Beyer, is dat ze niet voldoende nieuwe woningen bouwen om aan de enorme vraag te kunnen voldoen. Jaarlijks bouwt New York 20.000 nieuwe appartementen, Los Angeles bouwt 23.500 nieuwe woningen en San Francisco – even groot als Amsterdam – een schamele 5.000 woningen. Wat doet de grootste stad op aarde?Alleen al in 2014 bouwde Tokio binnen de gemeentegrenzen 142.417 nieuwe woningen! Sinds 2000 is in het inwonertal van Tokio met 1,6 miljoen gegroeid. Resultaat: stabiele woningprijzen. In de metropoolregio zijn de woningprijzen sinds 2006 zelfs gedaald.

Mensen beschouwen mij als een rechtse journalist, schreef Beyer, maar dat is niet waar. Waarom zou schaarste creëren een linkse en betere oplossing zijn? Iedereen moet beseffen dat Tokio geen grond meer te vergeven heeft. De stad bouwt in de hoogte en verdicht door oude woningen te slopen en nieuwe – grotere – terug te bouwen. De gemiddelde levensduur van een woning in Tokio is slechts 26 jaar. De stad is aan die snelle verandering gewend, ook door de vele aardbevingen en branden die het heeft gekend. Monumentenzorg bestaat hier vrijwel niet. Tokio is daardoor de meest organische stad op aarde. Beyer: “In Minato ward — a desirable 20 sq km slice of central Tokyo — the population is up 66 per cent over the past 20 years, from 145,000 to 241,000, an increase of about 100,000 residents. In the 121 sq km of San Francisco, the population grew by about the same number over 20 years, from 746,000 to 865,000 — a rise of 16 per cent. Yet whereas the price of a home in San Francisco and London has increased 231 per cent and 441 per cent respectively, Minato ward has absorbed its population boom with price rises of just 45 per cent.” Weigeren om te groeien en de verdichten drijft de woningprijzen op. Amsterdam nam in 2017 9.000 nieuwe woningen in aanbouw. Het begin is er. Zo eenvoudig is het.

Tagged with:
 

Niet willen groeien

On 17 januari 2018, in energie, water, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Triumph of the City’ (2011) van Edward Glaeser:

Afbeeldingsresultaat voor city growth global south

 

De opbloei van Singapore was niet mogelijk geweest zonder de airco. De stichter van de stadstaat Lee Kwan Yew schreef in 1965 airconditioning zelfs voor in alle overheidskantoren om zo een efficiënte overheidsbureaucratie te kweken. Lees hierover Katy Lee in Vox van 23 maart 2015 (‘Singapore’s founding father thought air conditioning was the secret to his country’s success’). In Dubai ervoer ik onlangs hetzelfde. Inwoners van deze moderne woestijnstad verkeren uitsluitend in gekoelde ruimtes zonder ook maar één moment de hitte buiten te hoeven verduren. Zelfs auto’s fungeren hier als gekoelde cellen, meer nog dan als transportmiddel. Zonder airco zouden zulke megasteden nooit van de grond zijn gekomen, hun economieën niet zo succesvol zijn geweest. Dit is ook wat de econoom Edward Glaeser schreef over de Amerikaanse steden in de zuidelijke staten in zijn ‘Triumph of the City’. Glaeser: “The rise of the American Sunbelt in the postwar period owes much to the availability of cheap, cool air.” Airco is een regelrechte doorbraak, vergelijkbaar met de introductie van de lift eind negentiende eeuw. Maar het betekent wel een enorme aanslag op het energieverbruik op aarde, ook nog eens precies op de plaatsen waar water vaak uiterst schaars is. Stel dat alle Afrikaanse en Indiase steden de komende decennia uitgroeien tot succesvolle megasteden door massaal gebruik van airconditioning, wat betekent dit dan voor het totale energie- en waterverbruik?

Wanneer Glaeser een schatting probeert te maken van alle CO2-uitstoot door huishoudens, dan telt hij alle emissies bij elkaar op die verband houden met autorijden, elektriciteitsverbruik, verwarming en koeling, en voegt daar openbaar vervoer aan toe. Het hoeft niet te verbazen, schrijft hij, dat steden beduidend groener zijn dan buitenwijken of het platteland. Maar de verschillen tussen metropolitane gebieden zijn nog groter. “Coastal California is by far the greenest part of the country. The Deep South is by far the brownest.” De kloof tussen het warme zuiden en het gematigde noorden van de VS is zelfs dramatisch. En New York blijkt een van de groenste steden, ook door zijn enorme omvang en dichtheid. Airconditioning is hier de onderscheidende factor. Eigenlijk, concludeert Glaeser, zouden metropolen in de gematigde zone veel sneller moeten groeien dan die in de hete, droge Sunbelt. Dat ze dat niet doen wijt hij aan het restrictieve ruimtelijke beleid in de eerste. Steden in de gematigde zone willen niet groeien en ook niet verdichten, ze koesteren het platteland, wijzen migranten af, kiezen liever voor spreiding. Afwijzing van stedelijke groei beschouwen ze zelfs als duurzaam. Wat een misvatting. En zo groeien uitgerekend de woestijnsteden, waar airco aan een snelle opmars bezig is en waar drinkwater uitgeput raakt.

Tagged with:
 

Stoppen met citymarketing

On 15 januari 2018, in wonen, by Zef Hemel

Gelezen in ‘The Creative Destruction of New York City’ (2017) van Alessandro Busà:

Bij Oxford University Press verscheen afgelopen jaar een gedegen boek dat de balans opmaakt van vijftien jaar ‘drastisch herbestemmen en re-branden’ van New York. Auteur: Alessandro Busà. Busà is een jonge Duitse wetenschapper uit Berlijn die in 2006 New York binnenkwam op een J-1 visum omdat hij daar een onbetaalde baan kon krijgen. En dat in een van de duurste steden op aarde. Hij leek wel gek. In het voorwoord beschrijft hij hoe hij van kamer naar kamer zwierf, telkens verdreven door pandjesbazen die hogere huren eisten. Na het afronden van zijn studie in Berlijn keerde hij in 2010 naar new York terug. Inmiddels bleek de stad onbetaalbaar geworden. “Don’t get me wrong: living in New York is absolutely fantastic.” Maar wat een spanning en hoe moeilijk om je droom te verwezenlijken in deze meest ongelijke stad op aarde, wil hij maar zeggen. De rest van het boek is een lange aanklacht tegen voormalige burgemeester Michael Bloomberg. Ook de twee eerdere burgemeesters hebben de stad uitgeleverd aan het grootkapitaal. Volgens Busà zijn burgemeesters er niet om hun stad te branden en te verkopen, maar armen te helpen en ongelijkheid te bestrijden. Zelfs de huidige linkse burgemeester De Blasio krijgt er stevig van langs. Tot nog toe heeft hij niets gedaan om het ongunstige tij te keren.

Belangrijkste instrument in de stadspolitiek van NYC was en is ‘rezoning’. Busà beschrijft nauwkeurig hoe dat in zijn werk gaat. Het gemeentebestuur ontwikkelt een nieuw bestemmingsplan voor een buurt waarin beduidend meer programma past en waar dikwijls verder in de hoogte mag worden gebouwd. Ontwikkelaars grijpen die mogelijkheid aan om goedkope oude panden af te breken en nieuwe dure hoogbouw te introduceren. Gevolg: hele snelle gentrificatie en waardestijgingen van het bestaande vastgoed. Amanda Burden, directeur van de NYC Planning Commission, is in de ogen van Busà de hoofdschuldige. Zelfs in Harlem rond 125th Street zijn de prijzen skyhigh gestegen. Alleen al in 2015 werden in New York 50.000 bouwvergunningen afgegeven, het hoogste aantal sinds de jaren ‘60. Busà noemt het “a game that is based on the physical, social, and symbolic re-engineering of low-income communities across the board, to encourage high-end residential and commercial investment and the influx of new, more affluent city consumers.” Er wonen nu 8,537,673 inwoners in New York. In 2010 waren dat er nog 8,175,133. In vijf jaar tijd kwam er een stad van 350.000 inwoners bij. “The city has not witnessed such a robust pace of growth in over a half-century,” lees ik op de website van de gemeente. En geef toe, wie zou er niet graag in New York willen wonen? Vergeet citymarketing en bouw meer sociale woningen. Dat is de boodschap van Busà.

Tagged with:
 

Amsterdamlezingen 2018

On 14 januari 2018, in Geen categorie, by Zef Hemel

Nooit veranderde de wereld zo snel. De onzekerheid over wat Amsterdam te wachten staat is groot. Wat ligt er achter de horizon? Zes kunstenaars en wetenschappers blikken, samen met u, in de verre toekomst. Foto’s, films en verhalen illustreren hun visionaire gesprekken, die zullen worden gemodereerd door Zef Hemel.

Programma Amsterdamlezingen 2018

De Amsterdamlezingen vinden plaats in de theaterzaal van CREA, Roeterseiland, en duren van 20.00 tot 21.30 uur.

 

Maandag 5 februari
Mirik Milan                                   Nachtleven

Maandag 19 februari
Kadir van Lohuizen                   Afval

Maandag 26 februari
Max Welling                                Technologie

Maandag 5 maart
Don Kalb                                      Internationaal

Maandag 19 maart
Adelheid Roosen                       Buurt en straat

Maandag 26 maart
Coen Teulings                              Economie

 

 

Gerelateerde afbeelding

Mirik Milan

Mirik Milan is sinds 2012 nachtburgemeester van Amsterdam. De nachtburgemeester is een gesprekspartner voor alle deelnemers aan het nachtleven van de stad, zoals de nachtelijke creatieve industrie, de burgemeester, het stadsbestuur en gebruikers van de nacht. Onder aanvoering van Milan kreeg het ambt van nachtburgemeester wereldwijd aandacht. Het inspireerde onder andere Parijs (2013), Toulouse (2013), Zurich (2015), Londen (2016) en New York (2017). Kijk mee in zijn glazen bol op zoek naar de toekomst van ons nachtleven.

Gerelateerde afbeelding

Kadir van Lohuizen

Kadir van Lohuizen is een Nederlands fotograaf. Zijn werk wordt gepubliceerd in Vrij Nederland, Trouw, NRC Handelsblad, de Volkskrant, De Morgen, Paris Match, The Independent, Newsweek en Time. Van Lohuizen legde in zijn fotoproject Wasteland de afvalstromen van verschillende grote steden vast. Een selectie werd onlangs gepubliceerd in een speciaal katern in The Washington Post. Kijk mee in zijn glazen bol en kom meer te weten over de toekomst van ons afval.

dhr. prof. dr. Max Welling, medewerker FNWI, hoogleraar Machine learning

Max Welling

Max Welling is hoogleraar Machine Learning aan de Universiteit van Amsterdam. Hij doet onderzoek naar (zelf)lerende systemen en hun toepassing bij de analyse van big data. Hij is mede-oprichter van Scyfer BV. Hoe kunnen we machines ontwerpen die zelf leren en zichzelf steeds aanpassen? Kijk mee in zijn glazen bol en ontdek waar de voortdurend voortschrijdende technologie ons gaat brengen.

Don Kalb

Don Kalb

Don Kalb is hoogleraar sociale antropologie aan de Central European University (CEU) in Boedapest en de Universiteit Utrecht. Kalb doet onderzoek naar internationale verhoudingen en de opkomst van radicaal nationalisme in Oost-Europese landen. Kijk met hem mee in zijn glazen bol naar de toekomst van onze internationale betrekkingen.

Adelheid Roosen

Adelheid Roosen

Adelheid Roosen is een Nederlandse theatermaakster, actrice, dramadocente en schrijfster. Roosen bedacht met haar theatergroep de ‘WijkSafari’. Tijdens een WijkSafari laten Adelheid Roosen en haar theatergroep zich adopteren door een stadswijk. De botsing van levensverhalen van professionele acteurs en lokale bewoners vormt de basis voor een theatervoorstelling. Ze ging al op WijkSafari in Utrecht, Slotermeer, de Bijlmer en zelfs Mexico City. Kijk in de glazen bol van Adelheid naar de toekomst van de buurt en de straat.

Coen Teulings

Coen Teulings

Coen Teulings is sinds 1 oktober 2013 hoogleraar economie aan de Universiteit van Cambridge. In de periode daarvoor was hij directeur van het Centraal Planbureau (CPB). Verder bekleedde hij nog een handvol andere publieke functies, altijd vanuit zijn expertise op het gebied van economie. Hij gunt ons een kijkje in zijn glazen bol en gaat met ons op zoek naar de toekomst van onze economie.

Zef Portr..[1]

Zef Hemel (foto: Lex Banning)

Wibautleerstoel

De reeks Amsterdamlezingen is voortgekomen uit de Wibautleerstoel. Deze bijzondere leerstoel is door de gemeente Amsterdam ingesteld voor de studie van de grootstedelijke problematiek, in het bijzonder van Amsterdam. De leerstoel is achtereenvolgens bekleed door Willem Heinemeijer, Annemieke Roobeek, Jan Terlouw, Geert Mak en Paul Scheffer. De huidig bijzonder hoogleraar op deze leerstoel is Zef Hemel, die optreedt als gastheer van de Amsterdamlezingen.

Aanmelden

De inschrijving voor de Amsterdamlezingen is geopend vanaf maandag 15 januari op: http://www.uva.nl/nieuws-agenda/nieuws/amsterdamlezingen/amsterdamlezingen-uva.html

 

Obsessie met steden?

On 12 januari 2018, in Geen categorie, by Zef Hemel

Gelezen op Dezeen.com van 20 december 2016:

Afbeeldingsresultaat voor russia aeroflot soviet

Ruim een jaar geleden interviewde Marcus Fairs van de design-website Dezeen Rem Koolhaas over de nieuwe opzet van zijn bureau OMA en over zijn opvolging. De toen 72-jarige Koolhaas zei dat hij zich zou gaan concentreren op een paar onderwerpen, waaronder zijn onderzoek naar het platteland. Over dat laatste merkte hij op dat de overwinning van Trump hem niet had verbaasd. “De obsessie met steden heeft ons blind gemaakt voor wat zich afspeelt op het platteland.” De veranderingen op het Amerikaanse platteland zijn radicaal en moeten goed worden begrepen, voegde hij daaraan toe. OMA doet ook onderzoek naar het platteland van Rusland. Daar is de situatie anders, maar zo mogelijk nog erger. Als voorbeeld noemde hij het netwerk van Aeroflot. In Sovjettijden bediende deze Russische luchtvaartmaatschappij nog 200 Russische steden, inmiddels zijn dat er nog slechts 60. “That means 140 have been abandoned. Some sections of Russia are in forward movement and others are simply returning to 19th century.”

Ik sprak erover met een Russische collega.  In Sovjettijden, zei zij, was Aeroflot een staatsmonopolist, in de been gehouden door de Sovjetregering; Aeroflot claimde domweg alle transport door de lucht boven het hele grondgebied van de Sovjet Unie. Na de Val van de Muur kromp de maatschappij dramatisch en werd ze opgesplitst in verschillende regionale luchtvaartbedrijven. Op zichzelf zeggen de cijfers van Koolhaas dus weinig over de conditie van het Russische platteland. Maar het is waar, het gaat daar niet goed, en alle pogingen van de communisten om het achterland aan de praat te krijgen lijken alsnog mislukt. De huidige Russische regering heeft daarom een regionaal-ruimtelijke politiek ontwikkeld waarmee het de stedelijke ontwikkeling in deze achterblijvende gebieden probeert te stimuleren. President Poetin beseft maar al te goed dat zeker 20 miljoen Russen in de verarmende provincie geen perspectief hebben. Het is juist zijn achterban die hij nodig heeft om dit voorjaar herkozen te worden. Ondertussen groeit de middenklasse in Moskou razendsnel. Die spanning, daarop doelde Koolhaas.

 

Emancipatie van de periferie

On 10 januari 2018, in infrastructuur, by Zef Hemel

Gelezen in The New York Times van 16 oktober 2017:

Afbeeldingsresultaat voor map uber new york inverse

Taxi-pickups in NYC. Bron: Inverse.com

Uber verovert New York. En hoe! Op Manhattan rijden de auto’s alleen nog stapvoets, het aantal Uber taxi’s is al even omvangrijk als de vertrouwde gele taxi’s. Er is geen doorkomen meer aan. Lyft en Juno zijn geduchte concurrenten van Uber. De explosieve groei van het autodelen in de Big Apple leidt tot verstopte straten. Het oude tolsysteem werkt niet meer. Toch is autodelen volgens sommigen niet de oorzaak van de plotselinge congestie. Uit een recent onderzoek zou blijken dat de verstoppingen vooral verband houden met de snelle bevolkingsgroei van New York, dus met het economische succes van de metropool en met de verdere expansie. Daarnaast is dubbel parkeren een hardnekkig probleem, ook door de vele pakketdiensten, waardoor het verkeer in de relatief nauwe straten snel vastloopt. Nee, Uber zou juist zegenrijk werk doen met name in de buitenwijken van de metropool. Daar is het openbaar vervoer gebrekkig, buiten de Green Cabs komt er geen taxi (95% van de gele taxi’s rijdt uitsluitend op Manhattan), en soms is het gevaarlijk op straat voor vrouwen. Ook ‘s nachts vervullen de autodeelsystemen een belangrijke functie. Voor de inwoners van de randen komt Uber als geroepen, die zijn blij met de komst van de app, die veilig en goedkoop vervoer regelt tussen hun woning in de verre suburb en het werk in het centrum.

Maar wordt er echt niet  meer met auto’s gereden door de komst van Uber en andere autodeelsystemen? Veel deelauto’s rijden immers leeg rond. En gaat dit niet ten koste van het openbaar vervoer? Emily Badger zocht het uit voor The New York Times. Op 16 oktober 2017 schreef ze dat het U.C. Davis Institute of Transportation Studies onderzoek had gedaan naar reisgedrag. Men had 2.000 inwoners van New York, Chicago en Los Angeles gevraagd naar hun vervoerkeuze, waaronder inwoners van de suburbs. Conclusie: 49 tot 61 procent van alle ritten met Uber zouden niet gemaakt zijn als er geen app was geweest, of misschien wel, maar dan met openbaar vervoer, te voet of op de fiets. De onderzoekers brengen deze uitkomst in verband met het dalende gebruik van het openbaar vervoer in steden als New York, Washington en San Francisco in de afgelopen drie jaar.  Badger concludeert: misschien is autodelen efficiënt en aantrekkelijk voor individuele passagiers, maar bij elkaar opgeteld lijken al die ritten toch echt te leiden tot beduidend meer autoverkeer en dus meer congestie. Alleen als stedelingen massaal afscheid zouden nemen van hun privé auto en de openbaar vervoerbedrijven goede afspraken zouden maken met de autodeelbedrijven, kan het autogebruik in steden dalen in plaats van stijgen. Anders wacht ons enorme congestie en een slechter openbaar vervoer. Amsterdam is gewaarschuwd.

Tagged with:
 

Cities for the rich

On 8 januari 2018, in planningtheorie, wonen, by Zef Hemel

Gelezen op The New Metropolitan van augustus 2014:

Gerelateerde afbeelding

Richard Williams heeft gelijk. Daags na diens overlijden schreef hij, planoloog in Edinburgh, een blog met een terugblik op het werk van de grote Britse planoloog Sir Peter Hall (1932 – 2014). Uiteraard noemde hij ‘Cities of Tomorrow’ (1980), maar vooral stond hij stil bij de meest radicale tekst die Hall, samen overigens met Reyner Banham, Paul Barker en Cedric Price, in zijn jonge jaren had geschreven. De tekst, of eigenlijk is het een manifest, verscheen in New Society op 20 maart 1969, onder de titel ‘Non-Plan. An Experiment in Freedom’. Volgens Williams, die planologie doceert in Schotland, heeft de waarde van dit pleidooi voor meer vrijheid in de ruimtelijke planning nog niets aan waarde verloren. Maar zijn studenten die hij de tekst steevast laat lezen, hebben er weinig mee. Ze willen maar al te graag sturen, behouden, corrigeren, inperken, dirigeren. En toch meent Williams dat ‘Non-Plan’ hout snijdt. Gaven we onze steden maar meer vrijheid om te groeien en te expanderen en hun eigen lot te bepalen. “Those cities of the world that have wished to restrict growth for aesthetic reasons have become cities of the rich.” Waarna hij de huizenprijzen van San Francisco en Londen opsomt, die inderdaad skyhigh zijn en die volgens hem feitelijk zelfs als een global reserve currency fungeren. Door toedoen van ruimtelijke planning.

Wel gek dat zo’n radicaal standpunt in 1969 als links en progressief werd gebrandmerkt en tegenwoordig juist als uiterst rechts en neoliberaal te boek staat. Want wat schreven die ‘angry young men’ nou eigenlijk in dat geruchtmakende pamflet? Hall en Barker vroegen zich af wat er zou gebeuren als er domweg geen ruimtelijke planning zou zijn. Zou Groot-Brittannië dan zoveel slechter af zijn? Nee meenden ze, het land zou zelfs beter af zijn. Elk nam vervolgens een deel van het Verenigd Koninkrijk voor zijn rekening en speculeerde over een toekomst zonder planning. Banham constateerde dat de zuidkust van Californië veel spannender en dynamischer was dan het stedenlandschap van Groot-Brittannië. Williams denkt het nog steeds. De regionalisering van het nationale beleid in het Verenigd Koninkrijk acht hij zondermeer noodzakelijk, want sommige steden krimpen, terwijl andere juist overkoken. Sommige huizen zijn bijna gratis, terwijl andere voor wonen niet meer te betalen zijn. Vergroot de vrijheidgraden, smeekt hij! Doe ons iets meer Los Angeles. “Perhaps even ‘Non-Plan’ will get another run too.”

Tagged with: