Weesperplein

On 17 december 2010, in filosofie, by Zef Hemel

Gelezen in De erfenis van de utopie (1998) van Hans Achterhuis:

Vandaag weer eens gebruik gemaakt van metrostation Weesperplein. Elke keer als ik er ben verbaas ik me over de enorme ruime opzet, de brede perrons en de royale ondergrondse hal erboven. Het station oogt als een reusachtige grot. De onlangs geplaatste tourniquets doen wat dat betreft mal en klunzig aan. Ik zag laatst plannen die bedoeld waren om het station, ontworpen door Sier van Rijn, helemaal te verbouwen. Aanleiding is officieel de groei van de Universiteit van Amsterdam op Roeterseiland en de komst van het Hogeschool van Amsterdam naar de kop van de Wibautstraat. Op termijn wordt Weesperplein een zeer druk bezocht station, intensief gebruikt door studenten en docenten. Zo intensief benut was het station destijds, toen het ontworpen werd, ook bedoeld. Vandaar die enorme, ruime afmetingen. Toen verwachtte men dat Weesperplein een kruispunt zou worden van metroverkeer. Het was gedacht op de kruising van de Oostlijn met de Oost-Westlijn die de Watergraafsmeer zou verbinden met Slotervaart en Osdorp. Daarvan is het echter nooit gekomen. Amsterdam koos, jaren later, voor de Noord-Zuidlijn. Voor de bezoekersstromen is verbouwing van station Weesperplein overigens helemaal niet nodig. Het station is groot genoeg. Het gaat om iets anders. Men wil het aantal in- en uitgangen reduceren. Onzin? Ik moest denken aan Hans Achterhuis.

Hans Achterhuis zag in de oude Amsterdamse metrostations zijn theorie over de moralisering van apparaten bevestigd. De Amsterdamse metro, schreef hij, werd eind jaren zestig ontworpen. “Het was de tijd van het geloof in de morele kracht van de mens die zijn eigen verantwoordelijkheid waar kon maken zonder op de betuttelende wijze van de jaren vijftig gecontroleerd te hoeven worden. In Amsterdam verdween bijvoorbeeld de controleur uit de tram. (…) Vanuit diezelfde filosofie over de vrije, verantwoordelijke mens werd de metro ontworpen.” Die mens, aldus Achterhuis, bestaat helemaal niet. De filosoof dacht dat met de introductie van tourniquets het euvel snel verholpen zou worden. “Iedere Nederlander kent de verhalen over de fraude, de misdaad en de verloedering in Amsterdam. Zij werden altijd met graagte aan het gedrag van bepaalde bevolkingsgroepen toegeschreven. De vraag of ze ook direct verbonden zijn met een materiële omgeving, in dit geval met het simpele ontbreken van tourniquets, werd zelden of nooit gesteld. Nee, de moraal van de mensen moest worden aangepakt, kinderen moesten op school sociaal gedrag aanleren. Het hielp niet.” Inmiddels zijn tourniquets geplaatst. Nu rest de in- en uitgangen nog. Daarna zal de vrije, verantwoordelijke mens niet meer bestaan. We hebben hem ook niet meer nodig.

Tagged with:
 

Leave a Reply