Triomftocht door de binnenstad

On 14 oktober 2019, in boeken, stedenbouw, toerisme, by Zef Hemel

Gelezen in ‘P.J.H.Cuypers en het gotisch rationalisme’ (2009) van Aart Oxenaar:

Afbeeldingsresultaat voor cuypers oxenaar gotisch

Afgelopen zondagmiddag burgemeester Chen Jining van Peking begeleid op zijn tocht door de Amsterdamse binnenstad. Een bleek zonnetje brak door na de zoveelste regenbui. Met een bootje voeren we over de Amstel, dwars door de historische binnenstad, stapten even uit bij de Oude Kerk, toen door over het IJ langs het Centraal Station, en terug via Prinsengracht naar eindpunt Rijksmuseum. Daar bezochten we de Nachtwacht. Overal was het druk, levendig, veel toeristen. Aan het begin van zijn rondleiding vertelde een gids in het Rijksmuseum over architect Pierre Cuypers, die niet alleen de schepper van het Rijksmuseum was, maar ook van Amsterdam Centraal station: twee laat-negentiende eeuwse ‘poorten’ die toegang verschaften tot de binnenstad van de hoofdstad van het koninkrijk. Zijn betoog sloot naadloos aan op onze bijzondere tocht en mijn uitleg bij de toekomstvisie (‘Een nieuwe historische binnenstad’), maar deed vooral denken aan het proefschrift van kunsthistoricus Oxenaar over P.J.H. Cuypers uit 2009. Cuypers, schreef Oxenaar, tekende twee poortgebouwen voor een herrijzend Amsterdam dat na een lange periode van stagnatie eind negentiende eeuw weer opkrabbelde. Cuypers refereerde daarbij aan het gegeven dat de hoofdstad vanouds een rituele orde kende, die tot uitdrukking kwam in de openbare gebouwen. Ze moesten de maatschappelijke en religieuze orde van de ‘civitas’ tot uitdrukking brengen in het stadsbeeld. Zijn toevoegingen, waaronder ook een aantal kerken, zouden die orde bevestigen.

In de wachtkamer derde klasse van het Centraal Station liet Cuypers een enorme stadsplattegrond aanbrengen met daarop de belangrijkste openbare gebouwen in een contrasterende kleur afgebeeld. De nieuwbouw van Centraal Station en Rijksmuseum krijgen daar hun rituele betekenis. Boven een van de uitgangen van het station ontwierp hij een tweede kaart, waarop hij de belangrijkste routes door de stad aangaf. Station, museum en voormalig raadhuis op de Dam markeren nu een symbolische route. Oxenaar: “De gang van de aankomende reiziger door de stad krijgt zo de lading van een allegorische optocht. Zijn wandeling van gebouw naar gebouw wordt voorgesteld als een tocht tot lering en vermaak, vergelijkbaar met de triomftocht van de vooraanstaande zeventiende eeuwse burgers van Amsterdam langs het stadhuis en de Westerkerk.” Tegenwoordig valt deze route samen met de processiegang die miljoenen toeristen dagelijks afleggen op hun zoektocht naar de door ons afgeschreven Gouden Eeuw. Maar in 2030 klapt deze optocht om als de entree naar de stad naar het zuiden wordt verlegd. Dan opent station Amsterdam Zuid zijn deuren. Dat is het moment waarop Amsterdam zijn nieuwe rituele orde kan tonen en daarover gaat dus mijn visie. Tijd voor een bijzonder station en een ambitieus toeristisch programma op de Zuidas.

Tagged with:
 

Amsterdam ontmoet Peking

On 12 oktober 2019, in planningtheorie, toerisme, wetenschap, by Zef Hemel

Gelezen in ‘De kunst van het oorlogvoeren’ van Sun Tzu:

De kunst van het oorlogvoeren

Afgelopen donderdag overhandigde ik de toekomstvisie voor de Amsterdamse binnenstad aan burgemeester Halsema in de Beurs van Berlage. Dat gebeurde in aanwezigheid van bijna vierhonderd burgers. ‘Een nieuwe historische binnenstad’ staat op de website van de gemeente. Dit weekeinde leidde ik burgemeester Chen Jining van Peking rond over de Amsterdamse Wallen. Peking worstelt als geen andere stad met overtoerisme. Lees de ‘City Tourism Performance Research Survey’ van de World Tourism Cities Federation over Peking er maar op na. In 2015 ontving de Chinese hoofdstad liefst 273 miljoen toeristen (in Amsterdam 18 miljoen). Tussen 2010 en 2015 groeide het toerisme naar Peking met 48 procent, dat is gemiddeld 8 procent per jaar. Dat zijn zelfs voor Amsterdamse begrippen astronomische cijfers. Maar overtoerisme is slechts een deel van het probleem, zowel in Peking als Amsterdam. Daarom zal mijn rondleiding dit weekeinde ook over prostitutie, drugs, ondermijning en criminaliteit gaan. Het was een van de opmerkingen die afgelopen donderdag in de Beurs van Berlage werden gemaakt: waarom schrijft u zo weinig over ondermijning in uw visiedocument ‘Een nieuwe historische binnenstad’? Mijn antwoord stelde de aanwezigen duidelijk teleur. Er werd gejoeld, iemand nam de benen. Ik denk dat de burgemeester van Peking mij straks wel begrijpt.

Een van de grootste denkers op het gebied van oorlogvoeren was namelijk Sun Tzu. Iedere Chinees kent hem. Zijn ‘kunst van het oorlogvoeren’ vormt een van de oudste verhandelingen over strategie en tactiek en niemand heeft het ooit in wijsheid overtroffen. Al zo’n 500 jaar voor Christus schreef Sun Tzu dat de hoogste kunst van oorlogvoering is de vijand onderwerpen zonder te vechten. “Een leger is te vergelijken met water: water laat de hoogten droog en zoekt de laagten op; een leger keert zich van kracht en valt leegte aan. De stroming van het water wordt bepaald door de vorm van de grond; de zege wordt behaald door te handelen overeenkomstig de staat van de vijand.” Een veldheer neemt nauwkeurig waar en beschikt over grote verbeeldingskracht. De morele, intellectuele en omgevingselementen vindt hij belangrijker dan de fysieke, die van militaire kracht. Bij Sun Tzu ligt de nadruk op het doen van het onverwachte en het volgen van de indirecte aanpak. Ik heb zijn wijsheid en kunde aan de basis gelegd van mijn toekomstvisie voor de Amsterdamse binnenstad. Wie de Amsterdamse Wallen wil veranderen, slaat er niet met een hakmes op in. Een aanval levert hem geen voordeel op. Hij gaat tuinieren.

Tagged with:
 

Londen wordt Dubai

On 20 september 2019, in toerisme, by Zef Hemel

Gelezen in Dezeen van 2 april 2019:

Model foster tulip

Bron: Architects’ Journal

Twee dagen was ik voor werk in Londen. Op 2 april dit jaar werd daar door het Planning Committee de vergunning verleend voor de bouw van The Tulip, een ruim driehonderd meter hoge toren naar een ontwerp van de Britse starchitect Norman Foster. Achttien leden stemden voor, zeven tegen. Ik ging even kijken want ik moest in de buurt spreken. The Tulip wordt een zeer belangrijke toeristische attractie, de tulpvormige ranke toren krijgt straks bovenin een cockpit van glas, met roterende cabines aan de gevel die uitzichten bieden in alle richtingen. Het ontwerp doet denken aan de Canton Tower in Guangzhou, China, een schepping van mijn broer en schoonzus uit 2011. De toren komt pal naast ‘The Gherkin’ te staan, die andere, augurkvormige toren in het hart van The City, het internationale financiële hart van Londen. De eigenaar van The Gherkin, de Braziliaanse miljardair Joseph Safra, wilde eigenlijk bovenin zijn in 2014 verworven bezit een publieke functie introduceren, maar dat bleek niet mogelijk. Waarop Foster, de architect van ‘The Gherkin’, had voorgesteld om er een ranke toren naast te plaatsen, uitsluitend bedoeld voor toeristen. Bij de presentatie beklemtoonde de architect dat de toren niet alleen voor buitenlandse toeristen bedoeld is, maar ook voor Londenaren. Er komt een uitgebreid educatief programma in de tulp, vooral voor schoolkinderen uit Engeland en Londen. 

Nadat het voorstel was ingediend regende het protesten. Ook de burgemeester van Londen keerde zich ertegen, zei dat de toren zich slecht verhield met het London Plan, London City Airport vreesde zelfs radarproblemen. Dus moest er eerst uitgebreid onderzoek worden gedaan. Het dikke rapport verscheen in maart en concludeerde dat de toren ‘less than substantial harm’ zou doen en dat The City inmiddels wel bekend was met het fenomeen van de opmerkelijke wolkenkrabber. “This case is very finely balanced.” Daarmee werd de weg vrijgemaakt voor vergunningverlening. De bouw zal in 2020 beginnen, in 2025 opent de toren zijn liften voor het publiek. Daarmee zal het toeristische landschap van Londen opnieuw drastisch veranderen. In het zakengebied waar tot nu toe bankiers domineren, zullen de toeristen in hun korte broeken verschijnen. Zowel vanuit de Tower Bridge als vanuit Saint Pauls Cathedral is de locatie gemakkelijk te voet te bereiken. Metrohaltes als Bank, Monument en Liverpool Street zijn al even behulpzaam.  In 2018 ontving Londen 40 miljoen toeristen. Daarmee is ze de belangrijkste toeristische bestemming op aarde. Terwijl Brexit het Londense zakenleven ernstig hindert en daarbij ook de koers van het pond flink drukt, profiteert het toerisme. De toekomst van Londen is Dubai.

Tagged with:
 

Tourism Singapore-style

On 26 augustus 2019, in toerisme, by Zef Hemel

Gelezen in ’50 Years of Urban Planning in Singapore’ (2017) van Heng Chye Kiang:

Afbeeldingsresultaat voor tourist attractions singapore map

Singapore was nooit een opwindende toeristische bestemming. Dat is tegenwoordig heel anders. Het afgelopen jaar bezochten meer dan 18 miljoen internationale toeristen de kleine stadstaat in Zuidoost-Azië – evenveel als Amsterdam. Deze metamorfose is het gevolg van bewust beleid. Midden jaren ’80 constateerde de stad dat de bouw van attracties ver achterbleef bij de bouw van nieuwe hotels. Toeristen verdrongen het centrum, hotelkamers kwamen leeg te staan, de citymarketing was sterk op promotie in het buitenland gericht. Eind jaren ’90 besloot het bestuur tot een ommekeer: voor het eerst werd naar Singapore zèlf gekeken. Stedenbouwkundigen raakten in gesprek met de toeristische sector, analyses werden gemaakt, een pijnlijk zelfonderzoek volgde. De planners constateerden dat er nogal wat schortte aan Singapore als toeristische bestemming. Er werd roofbouw gepleegd op het centrum. De samenwerking mondde uit in een partnerschap dat zich na vijftien jaar uitbetaalt. U kunt erover lezen in ’50 Years of Urban Planning in Singapore’ (2017), hoofdstuk 11, Pamelia Lee, ‘50 Years of Urban Planning & Tourism’.

Wat de partijen met elkaar verbond was de vaststelling dat toeristen eigenlijk hetzelfde waarderen als bewoners: erfgoed, ruimte, veel groen, schone lucht, een menselijke schaal. Maar bij toeristen luistert alles veel nauwer. Als de kwaliteit tegenvalt, dan blijven ze weg. Bewoners niet. Die gaan klagen. Daarom werden belangrijke nieuwe attracties toegevoegd. Zo is er de Singapore Zoo, in drievoud, werkelijk majestueus. En voorts de Botanical Gardens met zijn bijzondere orchideeëntuin. De voornaamste echter bevinden zich even buiten het zakencentrum, op opgespoten land: Marina Bay Sands en Gardens by the Bay met de Flower Dome en de Cloud Forest. Alle attracties zijn iconisch vormgegeven. Elke avond is er een lichtshow in de Gardens by the Bay die toeristen wegtrekt uit het centrum. Naburig casino en shopping mall zijn de hele avond open. Een soortgelijke attractie heeft men gebouwd op de luchthaven. Met ‘The Jewel’ bezit Singapore een absolute topattractie die toeristen vasthoudt op het vliegveld, met shows tot diep in de nacht. En tussen de luchthaven en Marina Bay ligt een fraai vormgegeven snelweg zonder afslagen. Waarom zou een toerist nog de oude binnenstad bezoeken?

Tagged with:
 

Een tsunami van cultuurtoerisme

On 1 juli 2019, in cultuur, toerisme, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 29 juni 2019:

Afbeeldingsresultaat voor louvre delacroix

 

Maandag 27 mei 2019 gingen medewerkers van het Louvre in staking. Circa 150 stafmedewerkers legden het werk neer uit protest tegen ontslagen en kortingen, terwijl de werkdruk in het beroemde museum alleen maar toeneemt. Afgelopen zaterdag bereikte het nieuws ook Het Parool. In 2018 bezochten liefst 10,2 miljoen toeristen het Franse topmuseum. Dat was een groei van liefst 20 procent sinds 2009. Niet slechts laagwaardig toerisme, maar ook het elegante cultuurtoerisme van de hogere middenklasse blijkt niet alleen in Parijs, maar volgens de krant wereldwijd ‘geëxplodeerd’. Bezoekers aan musea als het British Museum in Londen en het Louvre in Parijs komen in meerderheid uit het buitenland, bepaalde kunstschatten in deze musea zijn uitgegroeid tot regelrechte symbolen van de steden die mensen willen bezoeken. Daar zit geen marketingcampagne achter, dat doen de mensen zelf, via selfies die ze de hele wereld over sturen. Vooral Azië loopt daarin voorop. In Het Parool stond dat vrijwel alle grote musea bezig zijn met onderkeldering of ophoging, of met de bouw van compleet nieuwe vleugels. Dat lijkt me overdreven. Het geldt trouwens niet voor de musea in Zwolle, Maastricht of Groningen. Tenzij daar blockbusters worden georganiseerd, blijft drukte daar achterwege. Wat weinig vermeld wordt, is dat de museale bouwwoede door toeristengekte plaatsvindt in een beperkt aantal musea. Overigens, het is in het Louvre op maandag altijd extreem druk omdat musea elders in de stad dan gesloten zijn.

De museumstaf in het Louvre slonk de afgelopen jaren met meer dan 7 procent, die van de bewaking zelfs met 18 procent. Waarom is dat zo? Erger nog is dat het personeel regelmatig door bezoekers schijnt te worden uitgescholden. Wat ik nergens las is dat in 2018 de uitzonderlijke tentoonstelling over het werk van de Franse schilder Eugène Delacroix alle records van het Louvre wist te breken en dat dit evenement voor een belangrijk deel schuldig is aan alle ophef. Recensenten raakten in extase. Als er één tentoonstelling was die men in zijn leven niet mocht missen, dan was het deze, schreef er een. Niemand wilde deze inderdaad missen. En dan nog iets: het Ministerie van Cultuur bevindt zich recht tegenover het Louvre, dus de stakers vonden de verantwoordelijke minister maar al te gemakkelijk. Daar stonden ze, op het plein van Palais Royal. Maar nu komt het: de groei van het bezoekersaantal in het Louvre verhoudt zich slecht met die van de andere topmusea in de wereld. Daar doet zich namelijk nauwelijks groei in bezoekersaantallen voor. Althans dat las ik op CNN. Elders ving ik geluiden op dat het gebruik van de museumjaarkaart in Nederland terugloopt. Dus Het Parool maakte afgelopen zaterdag een vlammend artikel van liefst vier pagina’s, maar het was ophef om niets. Maar wel heerlijk om weer eens te waarschuwen voor een tsunami van Indiase en Chinese toeristen. Naar Amsterdam.

Tagged with:
 

Florentijns overtoerisme

On 17 april 2019, in toerisme, by Zef Hemel

Gelezen op Citylab van 6 september 2018:

Gerelateerde afbeelding

Afgelopen jaar groeide het toerisme naar Amsterdam opnieuw met 7 procent. Meer dan 8 miljoen nationale en internationale gasten ontving de hoofdstad in 2018, met de dagjesmensen erbij gaat het om meer dan 17 miljoen; een derde van alle hotelaccommodatie in Nederland bevindt zich in Amsterdam. Maar dat is niet alles. In 2017 kwamen er 187 zeecruiseschepen naar de stad plus bijna tweeduizend riviercruises. En dan was er nog Airbnb. Vergelijk het met Florence, een wereldberoemde cultuurstad van slechts 350.000 inwoners, die net als Amsterdam op de Unescolijst van het werelderfgoed staat. Daar kwamen in 2017 ruim 10 miljoen internationale toeristen op af, in totaal ging het om 16 miljoen gasten. Dat zijn cijfers die vergelijkbaar zijn met die van Amsterdam. Velen bezochten de binnenstad van Florence voor slechts enkele uren. Sinds september 2018 is daar in een viertal straten een verbod van kracht op eten in de buitenlucht. De straten zijn namelijk zo volgepakt met toeristen dat mensen niet alleen worden gemaand om door te lopen, maar ook niet meer uit de vuist mogen eten. Het verbod geldt tussen 12 en 3 respectievelijk 6 en 10 uur ‘s avonds. Toeristen die toch een ijsje of broodje eten op straat riskeren een boete van 450 euro. 

Er zijn schattingen die uitgaan van 100.000 Florentijnen die het jaarlijks voor gezien houden en die de stad uitvluchten vanwege de drukte en de stijgende woningprijzen. Alleen al tussen 1 oktober  2017 en 30 juni 2018 verklaarden 478 bewoners gedwongen te zijn door huiseigenaren om hun woning te verlaten. Meer dan een vijfde van alle woningen in de binnenstad wordt inmiddels verhuurd aan gasten, een op de vijf woningen in de binnenstad in ‘in handen van’ Airbnb. De stad heeft de toeristenbelasting verhoogd van 1,50 euro naar 3 euro per nacht. Is dit voldoende? Nee, het lijkt er niet op. En wat doet de Uffizi Galerie, het Rijksmuseum van Florence? Daar vormen zich steeds langere rijen wachtenden bij de kaartverkoop. Het wereldberoemde museum werkt met een nieuwe prijsstrategie. In het hoogseizoen ontvangt het dagelijks zeker 9.000 tot 10.000 bezoekers. Wie tegenwoordig op de bonnefooi komt voor een paar uurtjes staat niet alleen uren te wachten, maar betaalt de hoofdprijs: 20 euro. Jaarpassen en driedagentickets zijn stukken voordeliger. Dagjesmensen worden hiermee zoveel mogelijk geweerd. Ik denk dat door dit soort noodzakelijke maatregelen nòg meer ‘verkeerde’, goedkope toeristen op straat zullen belanden. Is dit alles vergelijkbaar met Amsterdam? Er is één groot verschil. De Amsterdamse binnenstad is groter: 8 km2, die van Florence slechts 3,5 km2.

Tagged with:
 

Singapore in de woestijn

On 14 april 2019, in internationaal, regionale planning, by Zef Hemel

Gelezen in Egypt Today van 14 juli 2018:

Gerelateerde afbeelding

Bron: Egypt Today

Let op de grootste stad van Afrika, Caïro, de hoofdstad van Egypte. Volgend jaar opent daar het Grand Egypt Museum, ontwerp van het Ierse architectenbureau Henegham Peng. Het nieuwe museum ligt op twee kilometer afstand van de piramides van Gizeh en werd gefinancierd met Japans kapitaal. De Egyptische regering verwacht hier jaarlijks drie miljoen toeristen. Een nieuw vliegveld aan de westkant van de megastad dat onlangs werd geopend, moet het toeristenverkeer van en naar Gizeh soepel afwikkelen. Toeristen die landen op Sphinx Airport hoeven straks het hectische Caïro niet meer in. Daar komt bij dat de Egyptische regering vijfenveertig kilometer oostelijk van Caïro een compleet nieuwe hoofdstad bouwt, groot 700 vierkante kilometer (dat is twaalf maal zo groot als Manhattan). Het complete regeringscentrum zal hier naartoe worden verplaatst, evenals de studio’s van de Egyptische televisie. De nieuwe stad krijgt circa zeven miljoen inwoners, anderhalf miljoen banen en wordt voorzien van alweer een nieuw vliegveld. Geschatte kosten: 45 miljard dollar (maar sommigen denken eerder dat het 300 miljard wordt). De vastgoedportefeuille is voor vijftig procent in handen van het Egyptische leger. Een Chinese aannemer bouwt het eerste deel. De Chinese ambassadeur in Egypte verklaarde dat de nieuwe stad deel zal uitmaken van het ‘One Belt, One Road’ initiatief van president Xi Jingping.

De nieuwe stad krijgt volgens de plannen 1.250 moskeeën, 2.ooo scholen en 600 ziekenhuizen. De ambitie en de krankzinnige omvang doen vermoeden dat Egypte hier niet minder dan een nieuw Dubai wil bouwen. Zelf spreekt de regering van een tweede Singapore, want het wordt een ‘smart city’. Zijn de plannen werkelijk megalomaan? Wie de congestie van Caïro kent, zal verlangend uitkijken naar de uitvoering. Op termijn moet de drukte in de oude stad minder worden als de nieuwe stad verrijst. Nu nog telt Caïro 18 miljoen inwoners, in de hele metropolitane regio leven 24 miljoen zielen, maar rond 2050 verwachten demografen een verdere groei naar 40 miljoen. Iedereen begrijpt dat de bestaande stad deze verdubbeling niet zal overleven. Overigens maakte de Egyptische regering onlangs bekend dat zij nog eens twintig nieuwe steden elders wil bouwen, goed voor nog eens dertig miljoen inwoners. Binnenkort verrijst de eerste wolkenkrabber aan de Egyptische horizon: 345 meter hoog wordt ze. Daarmee wordt ze het hoogste gebouw van heel Afrika. Het moet president Trump als muziek in de oren klinken. De Egyptische president was afgelopen week voor de tweede keer bij hem op bezoek.

Tagged with:
 

Verfilmd liefdesleven als toeristische aanjager

On 14 maart 2019, in toerisme, by Zef Hemel

Gelezen in The Telegraph van 15 juni 2018:

Afbeeldingsresultaat voor mexico city kahlo map

Bron: Tales and Tours

Het toerisme naar Mexico is hoofdzakelijk op Yucatan gericht: de zuidelijke provincie met stranden en de unieke Mayatempels, veel minder op het noordelijker gelegen Mexico City. Terwijl die eerste groeicijfers van 9 procent haalt, lijkt de laatste te stagneren. Hoewel. De megastad in het hart van het land, hoewel tegenwoordig veel minder vervuild en gevaarlijk, heeft misschien nog steeds een bedenkelijke reputatie, maar bij mijn recente bezoek viel me op dat er hier van een ware ommekeer sprake is. De wijken Roma en Condesa vallen ineens op door talrijke groepjes toeristen die door de lommerrijke straten rondtrekken. Zelfs het centrum lijkt opgeknapt. Het meest zichtbaar is ontluikend internationaal toerisme in de zuidelijke wijk Coyoacán. Daar, op ruim een half uur autorijden van het stadscentrum, staat Casa Azul: een opvallend blauw geschilderd woonhuis in een dorpsachtige straat. Elke dag stroomt de straat hier vol met geduldig wachtende mensen die allemaal dezelfde woning willen bezoeken. Op deze plek is de Mexicaanse schilderes Frida Kahlo in 1907 geboren. Later, na de dood van haar vader, trok ze samen met de al even beroemde Mexicaanse schilder Diego Rivera in het eenvoudige pand. De kunstenaarsechtpaar bood hun huis zelfs korte tijd aan aan de Russische marxist Leon Trotsky, toen deze met zijn vrouw naar Mexico vluchtte. In het blauwe huis stierf de schilderes, 47 jaar jong, aan de verwondingen die ze in haar jeugd had opgelopen bij een busongeluk in een van de straten. Dat was in 1954.

Rivera is een Mexicaanse held, maar Kahlo lijkt nu nog veel beroemder te worden. Dat gebeurde vooral na het verschijnen van de film ‘Frida’ in 2002, gemaakt door de Amerikaanse regisseur Julie Taymor. De film is gebaseerd op de biografie over Kahlo uit 1983 en schetst een kort, ongelukkig en opwindend liefdesleven van twee sterke persoonlijkheden (Kahlo: “There have been two great accidents in my life. One was the trolley, and the other was Diego. Diego was by far the worst”). Vooral sinds ‘Frida’ ook op Netflix te zien is, is toerisme naar Mexico City massatoerisme geworden. Elke maand bezoeken 25.000 jonge mensen de woning, die niet groter is dan 800 vierkante meter, dat is circa 300.000 toeristen per jaar. Op zichzelf lijkt dat niet veel. Maar een flink aantal nieuwe musea in de metropool is inmiddels met Kahlo’s naam in verband gebracht en in 2014 merkte de BBC op dat de merchandising van het merk ‘Kahlo’ in de miljarden moet belopen. Overal in de stad liggen T-shirts, boeken, schotels, prints en zelfs luciferdoosjes met afbeeldingen van Kahlo of van een van haar schilderijen. Afgelopen zomer opende er een tentoonstelling over haar in het V&A in Londen. Die betrof de opvallende kleurrijke kleren die ze in haar korte leven heeft gedragen en vertelde over de herkomst en betekenis ervan. De tentoonstelling was een blockbuster. Het liefdesleven van Kahlo, maar vooral het verhaal over haar lijden, jaagt sindsdien het internationale toerisme naar Mexico City op. In 2016 ging het om 2 miljoen internationale toeristen, in 2025 verwacht de stad zeker 50 procent meer gasten te ontvangen. Een soort van Anna Frankhuis dus. De prognose werd overigens gemaakt kort voordat de film ‘Roma’ van de Mexicaanse regisseur Alfonso Cuarón de filmhuizen veroverde. Ook op Netflix is deze te zien. Daarom verwacht ik de komende jaren nog beduidend méér toeristen.

Tagged with:
 

The Old and the New Giant

On 12 februari 2019, in toerisme, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Overbooked’ (2013) van Elizabeth Becker:

Afbeeldingsresultaat voor overbooked elizabeth becker

Eerder al schreef ik over het boek van de Amerikaanse journalist Elizabeth Becker over het verschijnsel van ‘overtoerisme’. Deel vijf in ‘Overbooked. The Exploding Business of Travel and Tourism’ gaat over de twee wereldmachten: ‘The New Giant’ en ‘The Old Giant’. Met de eerste wordt China bedoeld, met de tweede de Verenigde Staten van Amerika. Wat China betreft schrijft Becker dat het immense land een toerismesector kent die door de communistische regering tot grote hoogte wordt opgestuwd. Peking voert niet alleen een actieve industrie-, innovatie- en technologiepolitiek, maar ook een krachtige toeristische politiek. De grote doorbraak kwam met de organisatie van de Olympische Spelen in de Chinese hoofdstad in 2008. “This was China’s coming-out party.” De vier miljard mensen die de spelen destijds zagen, werden moeiteloos rijp gemaakt voor een bezoek aan het onbekende wereldrijk. De kosten – 40 miljard dollar – die in de organisatie waren gestoken, waren het alleszins waard. Tiananmen Square was snel vergeten. Sindsdien spenderen buitenlandse gasten in China niet minder dan 45 miljard dollar per jaar. En dan was er de Wereldtentoonstelling in Shanghai in 2010. Kosten: 55 miljard dollar (aan het metronet van de Chinese havenstad werd 45 miljard dollar uitgegeven). Er kwam 73 miljoen mensen op af. Het jaar daarop startte de bouw van Disneyland Shanghai. Sindsdien is het Chinese toerisme aan een onstuitbare opmars bezig. Becker: “It is hard to fathom how much of the future of the world’s tourism industry is in the hands of the Chinese.”

Het contrast met ‘The Old Giant’ kan niet groter. Washington doet niets om de toerismesector in de Verenigde Staten te bevorderen. Integendeel. Niet alleen heeft de Amerikaanse regering altijd centrale planning afgewezen, vakantiedagen krijgt de Amerikaanse werknemer domweg niet. Wie zo hard moet werken, heeft geen tijd voor vakantie vieren. Voor buitenlanders werd na September 11, 2001 het vliegen op de VS bovendien bijzonder lastig gemaakt. Visa zijn nodig, wachttijden op de luchthaven zijn steevast lang. Eerder al, in 1996, trokken de VS zich terug uit de toeristische organisatie van de Verenigde Naties. En Las Vegas? De gokstad in Nevada werd de afgelopen jaren weggedrukt door Macao en Singapore, die zich zeer succesvol op het goktoerisme stortten. De stad moest zich aanpassen. Daar draait het nu om congressen en seminars. Liefst 19.000 congressen leveren de stad inmiddels 6,3 miljard dollar op, jaarlijks. Er zouden meer mensen naar Vegas gaan dan naar Mekka. En op Hawaii biedt de toerismesector tegen de defensie-industrie op; beide zijn goed voor 1 miljard dollar inkomsten elk jaar. Het probleem is daar minder gebrek aan steun vanuit Washington. Toerisme wordt er bedreigd door een hele snelle zeespiegelstijging. Gekke wereld. Alles verandert zo snel.

Tagged with:
 

Een ode aan Ed van Thijn

On 10 februari 2019, in bestuur, wonen, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Jongens, maak het maar mooi’ (2016) van Max van den Berg:

Afbeeldingsresultaat voor max van den berg jongens

De problemen in de Amsterdamse binnenstad zijn groot. Binnen de Singelgracht wordt bijna niet meer gewoond, sommige delen zijn tot regelrechte no-go areas verworden. Drugshandel, criminaliteit, verkrotting en ernstige vervuiling bedreigen de centrumfunctie van de historische kern van de hoofdstad van het land. Amsterdam schaamt zich. Vooruitlopend op de gemeenteraadsverkiezingen van 1982 richt burgemeester Ed van Thijn een Adviesgroep Binnenstad in met vertegenwoordigers uit bedrijfsleven, universiteit, kunst- en cultuursector, vakbonden en bewonersorganisaties. Zij schrijven een rapport. Na de verkiezingen wordt binnen het nieuwe college de burgemeester aangewezen als bestuurlijk coördinator van een ‘Aanpak voor de binnenstad’. Van Thijn vraagt Max van den Berg, eerder directielid van de Dienst Ruimtelijk Ordening maar inmiddels werkzaam op het stadhuis, om de rol op zich te nemen van ambtelijk coördinator. Onder zijn aanvoering wordt een klein team op het stadhuis geformeerd dat steeds met de burgemeester overlegt. Daarnaast komt er een Werkgroep Binnenstad, waarin 35 vertegenwoordigers van de meest betrokken diensten zitting nemen. Bovendien laat Van den Berg zich adviseren door een werkgroep Juridisch Beheer die helpt “af en toe totaal verknoopte formele situaties te ontwarren en in beweging te brengen.” Opvallend is de informele sfeer; met de burgemeester wordt veel gelachen. Coördinator Van den Berg weet zich omringd door een “enthousiaste groep, zonder macht, maar met de wil problemen op te lossen en tot daden te komen, wat bijna steeds lukt.” Is er een visie op de toekomst van de binnenstad? Nee, er zijn alleen actievoorstellen. De binnenstad moet worden gered.

Aan het woord is Van den Berg, die in 2015 terugblikte op zijn ambtelijke carrière in Amsterdam en daar een boek over publiceerde. Centraal in de strategie die de burgemeester en hij na 1982 ontwikkelen, staat ‘herstel van vertrouwen’. Daarvoor is ‘openheid’ een eerste vereiste, en ook ‘flexibiliteit’. “Ons doel is simpel: Verbeter het imago van Amsterdam en maak de binnenstad mooi en schoon.” Wat opvalt in de aanpak die uiteindelijk gekozen wordt is de nadruk op het wonen: het stegenplan, het wonen-boven-winkels-plan, het gatenplan, het herstelplan voor de Zeedijk, de voltooiing van de stadsvernieuwing op de Eilanden, in de Jordaan, de Nieuwmarktbuurt. In 1981 wonen er nog maar 53.000 mensen in de Amsterdamse binnenstad. Vier jaar later zijn dat er weer 57.000; ondertussen staan er plannen gereed die het totaal zullen brengen op 60.000. Maar dat niet alleen. Vanaf 1985 worden de inspanningen ook gericht op hoger onderwijs in de binnenstad met drie clusters van liefst 39 hbo-instellingen en een universiteit. En ook cultuur, kunst en toerisme krijgen een impuls, met initiatieven voor tal van nieuwe accommodaties. Het werd in die vroege jaren ‘80 allemaal bedacht en in werking gezet. Dertig jaar later wonen er meer dan 86.000 Amsterdammers in de binnenstad; hun aantal neemt verder toe, tot 91.500 in 2040. Bijna evenveel jongeren studeren er.  Het bedrijfsleven floreert. Het aantal toeristen groeit explosief. De binnenstad, inmiddels bijna te mooi, dreigt te bezwijken onder haar enorme succes. In 2018 werd ze door Elsevier Weekblad uitgeroepen tot beste binnenstad van Nederland. Tegelijk broeit het en gist het. Het wordt te druk. De prijzen gaan sky high. Amsterdammers keren zich af. Anno 2019 moet de binnenstad opnieuw worden gered.

Tagged with: