Vernietigd universum

On 13 oktober 2010, in economie, by Zef Hemel

Gelezen in De tijd van de wereld. Beschaving, economie en kapitalisme (1979) van Fernand Braudel:

Vandaag gesproken bij de Dienst Zuidas. Over de toekomst van de Zuidas. We maakten een inschatting wat het nieuwe kabinet met de Zuidas zou willen. Ik vertelde over het nieuwe regeerakkoord. Dat predikt een ouderwets soort kapitalistische opvatting van economie – een soort Kamer van Koophandel-kapitalisme: veel infrastructuur en verder vooral geld voor een paar sterke economische clusters. Niet slecht voor een dokmodel. Maar wat Amsterdam in werkelijkheid met de Zuidas te bieden heeft staat er ver vanaf. Hoezo economie? Vanavond lees ik in Braudel’s meesterwerk over het kapitalisme. Het dateert van 1979 – het verscheen midden in de vorige crisis. De discussie was op dat moment of het kapitalisme zal overleven. Braudel dacht van wel. Maar hij wijst erop dat met het woord ‘kapitalisme’ steeds meer alleen de bovenste etages van het economische bouwwerk worden bedoeld: de grote monopolisten. “Zo verdween in de laatste twintig jaar voor de crisis van de jaren zeventig in New York, dat toen de belangrijkste industriestad ter wereld was, het ene na het andere vaak minder dan twintig werknemers tellende bedrijfje dat de industriële en commerciële ruggegraat van de stad vormde – de enorme confectiesector, de honderden drukkerijtjes, de talrijke levensmiddelenfabrieken, een behoorlijk aantal werknemers, kortom een werkelijk op concurrentie ingestelde wereld waar de eenheden met elkaar botsen maar elkaar ook steunden. De ontwrichting van New York is het resultaat van de uitschakeling van deze duizenden bedrijfjes die gisteren nog in de stad alles maakten en in voorraad hadden wat het hart van de consument kon begeren. De grote ondernemingen hebben dit universum vernietigd ten gunste van grote productie-eenheden buiten de stad.”

Braudel wijst in zijn meesterwerk op het bestaan van de vergeten onderkant van de economie. Daar is nog altijd een min of meer dikke laag te vinden van kleine, onafhankelijke bedrijfjes. “Men zegt wel dat de grote ondernemingen de kleine bedrijfjes tolereren en niet willen opslokken. Wat een mildheid! Op dezelfde schaal dacht Stendhal dat de grote steden in het zo wrede Italië van de renaissance uit de goedheid hunner harten de minder grote hadden gespaard. Ik heb gezegd (en daarin heb ik waarschijnlijk gelijk) dat de grote steden niet hadden kunnen leven zonder kleintjes ter hunner dienste.” De schuld voor het ontstaan van het grootbedrijf, zegt hij, ligt vooral bij de overheid: “Europese landen hebben sinds de tweede wereldoorlog een politiek gevoerd die er bewust op gericht was, net als in New York, het kleinbedrijf te elimineren dat als een overblijfsel en een teken van economische achterstand werd beschouwd. De staat heeft monopolies geschapen, zoals de Electricité de France, die er nu van beschuldigd wordt een staat in de staat te zijn en de opkomst van bepaalde soorten nieuwe energie te verhinderen. Bovendien zijn het de grote bedrijven uit de particuliere sector die met voorrang kredieten en hulp ontvangen van de staat terwijl de banken op bevel van hogerhand het krediet aan de kleinere ondernemingen terugschroeven die daarmee veroordeeld zijn tot vegeteren of verdwijnen.” Wat een inzicht, wat een voorzienendheid!

Tagged with:
 

Varkens op de Zuidas

On 5 oktober 2010, in plekken, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 5 oktober 2010:

Het was dè foto van dierendag 2010. In Het Parool struinde een varken door een maisveld op de Zuidas. Het bijschrift luidde: “Een varken smult in een maïsveld aan de Zuidas. Als tijdelijke bestemming voor een braakliggend terrein midden in het zakencentrum werd afgelopen voorjaar maïs ingezaaid. Gisteren, tijdens dierendag, mochten varkens het gewas gaan oogsten.” In NRC Handelsblad zag je hetzelfde varken, nu vanuit een andere hoek genomen. Erbij stond: “Gisteren was het dierendag. Dit varken mocht voor de gelegenheid vrijuit mais komen plunderen in een akkertje aan de Zuidas, het zakendistrict in Amsterdam.” In de Volkskrant van het varken geen spoor, maar wel viel er een reportage vanaf de Zuidas te noteren. Nu luidde de kop: “In het financiële hart van Nederland is iedereen blij met de maximumsnelheid van 130 kilometer.” De strekking van het verhaal: het merendeel van het publiek op de Zuidas heeft niet zoveel met politiek, maar stemt wel overwegend rechts.

De actie met de varkens op de Zuidas op 4 oktober was natuurlijk een briljant idee. Alleen maar het maïsveld haalde de journalisten niet over de streep. Een varken introduceren op de Zuidas zette iedereen op het verkeerde been en werd ineens landelijk nieuws. Overigens, het gaat om een maïsdoolhof. Het is ontworpen door medewerkers van de Dienst Ruimtelijke Ordening. Tot 4 oktober kon iedere Amsterdammer erdoorheen dwalen. Op dierendag waren de varkens aan de beurt. Was het toevallig dat het nieuws samenviel met het bericht over de introductie van een Animal Cops door het toekomstige kabinet? In de Volkskrant werd gerefereerd aan de televisiezender Animal Planet, die regelmatig bericht over dierenpolitie in Amerikaanse steden. “In diverse Amerikaanse steden volgen camerateams de inspecteurs bij hun werk; wasberen in de vuilnisbak en bijtgrage pitbulls in verwaarloosde achtertuinen. In de achterbuurten van Detroit blijken alligators het nieuwe statussymbool voor drugsdealers. Die dappere inspecteurs zijn echter zelden onderdeel van de politie. Het zijn de gemeenteambtenaren die vroeger hondenvanger werden genoemd.” Stuur de Animal Cops van Verhagen en Rutte maar op de Zuidas af. Laat ze maar varkens vangen. En laat de medewerkers van de DRO vooral blijven ontwerpen.

Tagged with:
 

Sluimerende superknoop

On 20 juni 2010, in infrastructuur, by Zef Hemel

Gehoord op vrijdag 18 juni 2010 in Amsterdam-Zuid:

Boeiende bijeenkomst op de vrijdagmiddag: zeker vijfentwintig ambtenaren van stadsdeel Zuid, gemeente Amstelveen, projectbureau Zuidas, projectbureau Ondertunneling A9, projectbureau Ombouw Amstelveenlijn, Stadsregio Amsterdam, Dienst Infrastructuur, Verkeer en Vervoer en Dienst Ruimtelijke Ordening vergaderden bijna vier uur lang over de toekomstige verbindingen in het zuiden van de Amsterdamse metropool. Veel werken staan hier op stapel, veelal toevoeging van asfalt, maar ook van zware railinfrastructuur. Veel van die publieke werken zijn tegelijkertijd gepland (met een hoogtepunt rond 2014-2020): verdubbeling van de A2, verdubbeling van de A9, verbreding van het SAA-traject (Schiphol-Amsterdam-Almere), spoorverdubbeling Amsterdam-Utrecht, de komst van de Hanzelijn en OV SAAL (Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad), de ombouw van de Amstelveenlijn tot metro, de Noord-Zuidlijn, de N201. Bij elkaar is het wel erg veel asfalt, dus er komt veel extra autoverkeer, maar een verdubbeling van de passagiersstromen op het spoor voegt zich daar moeiteloos bij. De vraag stond centraal wat dit voor de zuidkant van de metropool gaat betekenen. Je zou zeggen, een voor de hand liggende vraag, maar weinigen hebben er echt over nagedacht, zo is alles projectmatig ingericht. Zelfs de nieuwe structuurvisie van Amsterdam geeft onvoldoende antwoord op die voor de hand liggende vraag.

Wat ik me onvoldoende realiseerde is dat ten aanzien van het asfalt een ontvlechtingsdiscussie speelt; autoverkeer via zuid zal beter moeten kunnen doorstromen. Maar ook bij de spoorverdubbelingen gaat het om de vorming van superknopen, want niet bij elk station zal worden gehalteerd. Via de Hanzelijn moeten straks reizigers vanuit Groningen en Leeuwarden via de Zuidas naar Leiden kunnen rijden. De HSL-treinen uit Londen, Parijs, Berlijn en Frankfurt moeten straks allemaal op de Zuidas halteren.  Bij de Zuidas wordt de Noord-Zuidlijn vanuit het centrum doorgetrokken tot diep in Amstelveen. Kortom, bij de Zuidas komt straks alle verkeer samen. Daar vormt zich een superknoop. Tussen oost en west is daar bovendien sprake van een echte cesuur, daar zullen bijna alle reizigers uit oost en uit west willen overstappen. Hoe worden al die stromen straks aan- en afgevoerd? Waar komen de busstations? Mogen bussen straks voorbij de concessiegrens rijden die de stadsregio heeft ingesteld? Anders zullen er nog meer mensen moeten overstappen. Tussen station Zuid en station Amstel bijvoorbeeld moeten juist veel bussen gaan rijden. De ring A10 krijgt daar 2 x 5 rijstroken plus 2 uitvoegstroken, dus ook daar is straks sprake van een supersnelweg, dat wordt zeker geen stadsautoweg. Veel is onzeker rond Schiphol. Vrachtverkeer rond Schiphol-Oost en de bloemenveilig bij Aalsmeer moet straks via een nieuwe boog bij het Amsterdamse Bos naar de A9 worden geleid. En het langzame verkeer? Juist op de Zuidas groeit het fietsverkeer (modal split in 2020: 60% openbaar vervoer, 25% auto, 15% fiets). Die fietsers zullen in de toekomst steeds meer gehinderd worden door het auto- en busverkeer op De Boelelaan. Ik bedoel maar. De volgende keer praten we verder, dan met kaarten in de hand die de samenhang tussen de werken en hun fasering verbeelden. Ik blijf verdwaasd achter met het beeld van de Zuidas als een sluimerende superknoop.

Tagged with:
 

Crisiskaart

On 3 januari 2010, in stedenbouw, by Zef Hemel

Gezien in het Stadsarchief van Amsterdam op 27 december 2009:

De originele kaart van het Algemeen Uitbreidingsplan van Amsterdam (AUP), daterend van 1935, die precies een jaar geleden was teruggevonden, is gerestaureerd. Je kon hem de afgelopen dagen bewonderen in de schatkamer van het Stadsarchief. Ik heb hem bekeken. Hij is inderdaad groot: 216 x 270 cm. De kaart bestaat uit zes vellen: kopiedrukken van de topografische ondergrond, bruinig gekleurd, met daarop gouache. Deze werden op een linnen doek gelijmd en met de hand verder ingekleurd met heldere tinten gouache. Twee stokken, aan de boven- en onderkant, houden het geheel bij elkaar. Een echte crisiskaart.

Als je er zo dicht op staat, kun je veel details zien. Gek hoe je manier van kijken wordt beinvloed door het formaat. Op het vlugschrift bij de tentoonstelling proberen de auteurs aan leken duidelijk te maken dat veel van het ontwerp is gerealiseerd, maar dat er in de loop van de tijd hier en daar ook van is afgeweken. Dan noemen ze de begraafplaats op de noordelijke oever van het Nieuwe Meer, de vorm van de havenbekkens in West, de haven op de oostoever van de Amstel en divers spoorbanen en rangeerterreinen. Die zijn allemaal niet gerealiseerd. Wat ze niet noemen is Oud-Zuid. Als je goed kijkt hebben de ontwerpers Berlage’s Zuid geamendeerd, maar heel anders dan na de oorlog is uitgevoerd. Het Zuidstation ligt nog monumentaal aan de Minerva-as en het hele gebied ten noorden van de spoorbaan is, net als in het eerdere ontwerp van Berlage, hoogstedelijk: 110 woningen per hectare. Ten zuiden van de spoorbaan ligt een strook sportvelden, waarvan duidelijk is dat ze als een soort reservering voor extra infrastructuur fungeren. De woningdichtheid van Buitenveldert is de helft van die ten noorden van de spoorbaan.

Gek is dat. Het hele probleem met de Zuidas, dat nu wordt toegerekend aan de hoogliggende infrastructuur, was er niet of veel minder geweest als het AUP aan deze kant van de stad was uitgevoerd. Echter, door na de oorlog de prinses Irenebuurt in een lage dichtheid te bouwen, de nieuwe RAI hier te situeren en de bruggen af te waarderen verdween de vanzelfsprekende aanleiding om de Zuidas te realiseren. Die moet nu met kantoren worden afgedwongen. Een ongemakkelijke situatie.

Tagged with:
 

Sculptuur op de Zuidas

On 11 juli 2009, in kunst, by Zef Hemel

Gezien in W139 op 8 juli 2009:

Gisteren op bezoek bij Gijs Frieling, directeur van W139, het kunstenaarsinitiatief in de Warmoesstraat. Hij gaat iets doen voor ons in de Architectuur Biënnale dit najaar. Ik liep de hoge ruimte nietsvermoedend binnen, in afwachting van de komst van Gijs. Ik stond perplex. In de solotentoonstelling ‘belvédere’ van Trasberger die op dit moment te zien is in W139 staat het monumentaliseren van het recente verleden centraal. De titel is ontleend aan de goudkleurige Plymouth Belvédere die in 1959 in een betonnen sarcofaag werd neergelaten om vijftig jaar later als nieuw te worden opgegraven (quod non, want de behuizing lekte en de auto werd onlangs totaal verroest opgetakeld, ZH). W139 is door Trasberger bedekt met een grid dat teruggaat op tekeningen van het Italiaanse radicale architectencollectief Superstudio. Hun Continuous Monument was een kritiek op de toenmalige maakbaarheidsideologie. In dit grid plaatst Trasberger een aantal monumentale sculpturen waaronder een neon regenboog en een wandbeeld gemaakt van originele keramische elementen uit de gevel van het Hertie warenhuis in Berlijn. Vooral die laatste sculptuur wilde Gijs ons na afloop van het bezoek onder de aandacht brengen. Is dit niet iets voor de Zuidas?, vroeg hij. De hele Zuidas wordt ontwikkeld met vliesgevels die je zo weer kan vervangen door andere gevels. Dit kunstwerk zou daar een interessant commentaar op kunnen zijn. Inderdaad, zo’n commentaar – zo’n gelaagdheid – mist vooralsnog de Zuidas. Ze is te nieuw, te eendimensionaal, te monotoon. Daarmee verduidelijkte Frieling ook zijn standpunt ten aanzien van het kunstwerk dat hij voor de biënnale gaat maken:  hij wilde niet slechts schilderen op een door ons aan te leveren tafelblad, hij wilde de tafel zelf vormgeven.

Tagged with:
 

Verschuivend zwaartepunt

On 14 februari 2009, in economie, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 28 januari 2009:

Het Amerikaanse advocatenkantoor Simmons & Simmons verplaatst al haar Nederlandse activiteiten naar Amsterdam. Dat stond te lezen in Het Parool. Zo ontstaat, aldus de krant, een nieuwe, belangrijke vestiging aan de Zuidas, bestaande uit honderd advocaten, notarissen en fiscalisten. Het advocatenkantoor werkt voor grote bedrijven, overheden en financiele instellingen en adviseert over grote deals. "En die spelen zich vooral af in Amsterdam." Simmons & Simmons begon zijn activiteiten in Nederland in Rotterdam. In 2006 werd er een bijkantoor geopend in Amsterdam. Dat neemt nu alle activiteiten over. "De Rotterdamse haven was belangrijk voor ons, maar de grote zaken waar wij recent bij betrokken zijn speelden zich af in Amsterdam: de overname van Corporate Express, de investering van Apax in uitgever PCM en zelfs de onderhandelingen over de overname van energieconcern Essent door het Duitse RWE, waarbij wij optraden voor provincies en gemeenten." Dit verschuiven van het zwaartepunt van de activiteiten naar de hoofdstad, aldus topman Jean-Pierre van Leeuwe, komt overigens deels doordat veel clienten naar Amsterdam verhuizen. En verder heeft de samentrekking aan de Zuidas te maken met het vinden van personeel. "Het juridisch toptalent ziet Amsterdam meer en meer als zijn toekomstige werkomgeving." aldus Van Leeuwe.

Het bericht maakt duidelijk dat het bij de Zuidas om meer gaat dan ‘kannibalisering’ alleen. Het zwaartepunt van de economie verschuift en talent wil wonen en werken in Amsterdam. We hebben hier te maken met ‘middelpunt zoekende krachten’. Er ontstaat in Nederland een metropool. Niet omdat planologen dat willen, maar omdat de economie dat dicteert. En voor alle duidelijkheid: de economie wordt niet door economen gemaakt. Dus zelfs economen kunnen de verschuiving niet keren.

Tagged with:
 

Op eenzame hoogte

On 21 september 2008, in economie, hoogbouw, by Zef Hemel

Gelezen in ‘New Amsterdam’ van Huub Smeets, Branimir Medic & Pero Puljiz (2008):

Bij de opening van de eerste woonappartementen op de Zuidas lanceerde Vesteda afgelopen week een fraai boek over de Nieuw Amsterdam, het chique woonappartementencomplex op de Amsterdamse Zuidas. De inleiding in het boek is van de hand van Huub Smeets, CEO van Vesteda. Deze ontwikkelaar heeft een convenant met de gemeente Amsterdam afgesloten voor de realisatie van tenminste 2500 huurwoningen in het middensegment plus 1500 huurwoningen in het hoge segment. In tien jaar komt de productie van deze ontwikkelaar in het Amsterdamse daarmee op 4000 woningen! Waarom doet Vesteda dit? Is dit geen waaghalzerij? Huub Smeets legt uit: "Amsterdam staat als hoofdstad in Nederland op eenzame hoogte in termen van internationaal vestigingsklimaat, internationale economie, toerisme en cultureel aanbod. De afgelopen jaren heeft de stad zich nadrukkelijk gemanifesteerd om haar bijzondere positie binnen de Randstad èn Europa verder te verstevigen en uit te breiden. Dit geldt zowel in economisch, sociaal-cultureel als in woontechnisch opzicht. Op alle fronten worden forse inspanningen geleverd om de stad een internationaal, dynamisch, modern elan te geven." Waarvan acte.

Jammer dat zo’n tekst niet is opgenomen in de recent verschenen rijksnota over Randstad 2040. Want ook de rijksoverheid zou dit zo moeten zien. Zo’n tekst zou veel hebben verhelderd en zou Amsterdam binnen de topregio die de Randstad moet worden, op een juiste wijze hebben gepositioneerd. Wellicht dat de Tweede Kamer het kabinet nog kan corrigeren. Anders kon Nederland wel eens kansen gaan missen.

Tagged with:
 

Planologische pornografie

On 12 maart 2008, in internationaal, stedenbouw, by Zef Hemel

Gehoord tijdens bijeenkomst ‘Harvard meets Holland’ op 6 maart 2008:

Afgelopen donderdag was er een ontmoeting tussen een twaalftal studenten van de Harvard Design School en twee docenten en een groep Nederlandse genodigden. De ontmoeting vond plaats tegen het eind van een werkweek in Amsterdam, waar de studenten voor de opgave werden gesteld een retailvisie voor de Zuidas te ontwikkelen. Die visie was er die donderdagavond natuurlijk nog niet – die hebben ze niet eerder dan in mei gereed -, maar er waren al wel eerste indrukken. Zoals deze, van een van de docenten, Richard Peiger: "ik was vijfentwintig jaar geleden voor het laatst in Amsterdam. Het lijkt wel alsof er sindsdien hier niets is veranderd. Jullie proberen angstvallig alles bij het oude te laten. Jullie zijn bang voor verandering. Maar de wereld verandert, heel snel. Jullie zouden je minder tegen verandering moeten verzetten." En de andere docent, Bing Wang, formuleerde haar indrukken als volgt: "Jullie architectonische detaillering, jullie straatprofielen, jullie openbare ruimteontwerpen zijn schitterend. Je kan zien dat de Nederlanders goed zijn in design. Het is in werkelijkheid nog mooier dan in print."

Maar ook zij vond de angst voor verandering opvallend. In de planningprocessen, hielden ze ons voor, houden jullie je voor de gek. Jullie, Nederlanders, plannen met gemak twintig jaar vooruit en denken alles zeker te weten. Maar het wordt natuurlijk allemaal heel anders. Jullie houden je voor de gek." De mooiste opmerking hoorde ik van een van de studenten. "Amsterdam is like pornography in urban planning. It’s all too beautiful, too sexy, almost unreal."

Tagged with:
 

Liever onhandig dan grijs

On 5 maart 2008, in economie, by Zef Hemel

 

Gelezen in PS van Het Parool van 1 december 2007:

Categorie oud nieuws. Toch aardig. Het Amsterdamse autonavigatiebedrijf TomTom groeit als kool. In 1991 als Palmtop begonnen in de Spuistraat, verhuisde het bedrijf in 2005 onder zijn nieuwe naam naar het Rembrandtplein. In dat jaar ging het ook naar de beurs. Toen werkten er al 200 mensen bij TomTom. Inmiddels werken er ruim 1400 mensen, waarvan 900 in Amsterdam. Er is een nieuw onderkomen gevonden op het Oosterdokseiland, pal achter de nieuwe Openbare Bibliotheek. Er wordt nu vanuit drie vestigingen gewerkt. Dat is niet handig. Het bedrijf groeit ondertussen gewoon door. Elke maand komen er weer vijftig nieuwe medewerkers bij. Verhuizen naar een kantoorkolos op de Zuidas dan maar? Nee, zegt woordvoerder Van de Kraats, "Jong talent wil niet naar de Zuidas." Dus blijft het bedrijf in het centrum. "Liever onhandig dan grijs," zegt hij. De werknemers krijgen geen lease-auto. Ze moeten maar op de fiets komen.

Huisvesting is op dit moment niet het grootste probleem voor TomTom. Dat is de werving van personeel. Geen wonder als je maandelijks zoveel jonge, hooggekwalificeerde mensen moet aannemen. Nog maar veertig procent van de werknemers is Nederlands, er werken nu zo’n veertig nationaliteiten binnen het bedrijf, gemiddelde leeftijd 34 jaar. Daarom heeft TomTom ook een filiaal geopend in Eindhoven. De concurrentie is daar moordend, met Philips en ASML als grote spelers. Maar ook daar hanteert TomTom dezelfde strategie: de concurrenten zitten buiten de stad, op hun eigen campus. TomTom is neergestreken in het stadscentrum, in de oude lichttoren van Philips nog wel. "Heel pikant." En: "In Eindhoven vinden ze ons erg brutaal."

Goed dat Amsterdam niet alleen gokt op de Zuidas als zakencentrum en dat er in de plannen voor de IJ-oevers toch nog ruimte is gebleven voor kantoren. Ahold is er neergestreken. En nu dus TomTom. En straks komt Vodafone. Allemaal eigenzinnige bedrijven die niet grijs willen zijn. En of het er nu zo onhandig is, ook daarover heb ik twijfels.

Tagged with: